Het voorbereidend onderzoek van dit wetsvoorstel geeft de commissie aanleiding tot
het maken van de volgende opmerkingen en het stellen van de volgende vragen.
1. Algemeen
De leden van de PvdA-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van wetsvoorstel 33 440 (Wijziging
van de Paspoortwet). Zij hebben nog een enkele vraag.
De leden van de GroenLinks-fractie hebben kennisgenomen van het wetsvoorstel tot wijziging van de Paspoortwet,
waarin onder meer – eindelijk – wordt geregeld dat een identiteitskaart niet wordt
voorzien van vingerafdrukken en de vingerafdrukken welke worden afgenomen ten bate
van paspoorten niet langer worden opgeslagen.
2. Veiligheidskenmerken en biometrische gegevens
De regering heeft de Tweede Kamer laten weten binnen de Europese Unie een discussie
te willen entameren over nut, noodzaak en efficiency van de veiligheidskenmerken en
biometrische gegevens (33 440, nr. 7, p. 5). Kan de regering de leden van de PvdA-fractie aangeven wat de stand van zaken is met betrekking tot deze discussie?
3. Het opnemen van vingerafdrukken in de reisdocumentenadministratie
Als gevolg van het wetsvoorstel zullen mensen die geen gebruik wensen te maken van
een reisdocument voortaan binnen Europa kunnen reizen met een identiteitskaart, zo
constateren de leden van de fractie van GroenLinks. Reizen buiten Europa blijft voor hen onmogelijk aangezien daarvoor een paspoort
– met vingerafdruk – vereist is. In antwoord op vragen van de Tweede Kamer op dit
punt heeft de regering aangegeven dat dit niet anders kan, omdat landen buiten Europa
nu eenmaal een vingerafdruk in het paspoort verlangen. Kan de regering aangeven welke
landen deze eis stellen, en welke niet? En is de regering bereid de mogelijkheid te
onderzoeken om in de toekomst twee typen paspoorten af te geven: een met vingerafdruk
waarmee naar alle landen gereisd kan worden, en een zonder vingerafdrukken, waarmee
alleen gereisd kan worden naar landen die geen vingerafdruk verlangen?
4. Vermelding van het geslacht in het paspoort
Een tweede vraag van de leden van de GroenLinks-fractie betreft de vermelding van het geslacht in het paspoort. Tijdens de behandeling
van het wetsvoorstel met betrekking tot de gemeentelijke basisadministratie in verband
met de mogelijkheid tot wijziging van het geslacht (wetsvoorstel 33 351) is zowel in de Tweede als in de Eerste Kamer de vraag aan de orde (geweest) in hoeverre
registratie van geslacht in de GBA noodzakelijk is. Los van de vraag of het geslacht
in de GBA geregistreerd zou moeten blijven, is de vraag te stellen of het noodzakelijk
is het geslacht in het paspoort te vermelden. Kan de regering aangeven waarom zij
vermelding van het geslacht in het paspoort noodzakelijk acht? Voegt dit wezenlijke
informatie toe aan andere gegevens, waaronder de foto? Is het niet juist zo dat vermelding
van het geslacht tot problemen kan leiden wanneer geslacht en uiterlijke kenmerken
niet overeenstemmen, zoals bij veel transgenders het geval is?
Tijdens de behandeling van het genoemde wetsvoorstel 33 351 in de Tweede kamer heeft de regering in antwoord op vragen van de fracties van D66
en GroenLinks toegezegd om onderzoek te zullen doen naar de problemen waar transgenders
en mensen die zich noch man, noch vrouw voelen tegenaan lopen, en daarbij ook de mogelijkheid
te betrekken om het geslacht niet in het paspoort te vermelden. Hierover zou voor
de zomer een brief naar de Tweede Kamer worden verzonden. Kan de regering aangeven
of deze brief inmiddels is verzonden, en hoe het met het door de regering toegezegde
onderzoek staat?
5. Persoonsnummer
In het paspoort is naast andere gegevens van de houder ook het persoonsnummer opgenomen.
Kan de regering aangeven wat het doel van het opnemen van dit persoonsnummer in het
paspoort is? In de praktijk wordt in hotels en elders nogal eens het paspoort of een
kopie ervan bewaard. Hoe groot acht de regering de kans dat door deze aanwezigheid
van het persoonsnummer in het paspoort identiteitsfraude is toegenomen? De leden van
de PvdA-fractie krijgen graag een nadere toelichting.
De commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat / Algemene Zaken
en Huis van de Koning ziet de antwoorden van de regering – bij voorkeur zo spoedig
mogelijk – met belangstelling tegemoet.
De voorzitter van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van
Staat/Algemene Zaken en Huis van de Koning, Engels
De griffier van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van
Staat/Algemene Zaken en Huis van de Koning, Bergman