Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-201333417 nr. 36

33 417 Verslagen van de commissie voor de Verzoekschriften en de Burgerinitiatieven

Nr. 36 MOTIE VAN HET LID VAN OJIK

Voorgesteld 12 juni 2013

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het Internationaal Gerechtshof op 9 juli 2004 heeft geconcludeerd dat de bouw van de muur door Israël in bezet Palestijns gebied in strijd is met het internationaal recht;

constaterende dat 150 VN-lidstaten, waaronder Nederland, de VN-resolutie hebben gesteund waarin van Israël wordt geëist dat het aan zijn juridische verplichtingen voldoet, zoals in de uitspraak van het Internationaal Gerechtshof vermeld;

van mening dat een levensvatbare tweestatenoplossing, met als uitgangspunt de grenzen van 1967, het doel moet zijn bij vrede tussen Israël en de Palestijnen;

van mening dat de internationale gemeenschap de voorwaarden voor een duurzame vrede tussen Israël en de Palestijnen zal moeten scheppen, op basis van het internationaal recht;

van mening dat om de kans op vrede te behouden, drukmiddelen nodig zijn die de partijen bewegen beleid te staken dat een rechtvaardige oplossing van het Israëlisch-Palestijnse conflict in de weg staat;

verzoekt de regering om concrete instrumenten uit te werken die bevorderen dat Israël conform de uitspraak van het Internationaal Gerechtshof handelt;

verzoekt de regering voorts, deze voor verdere beraadslaging aan de Kamer aan te bieden,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van Ojik