Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-201333403 nr. 10

33 403 Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Overige fiscale maatregelen 2013)

Nr. 10 AMENDEMENT VAN DE LEDEN NEPPÉRUS EN GROOT

Ontvangen 2 november 2012

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

I

Na artikel IV, onderdeel O, wordt een onderdeel ingevoegd, luidende:

Oa

Na artikel 38k wordt een artikel toegevoegd:

Artikel 38l

In afwijking in zoverre van artikel 18d, eerste lid, onderdeel b, wordt de mate van variatie in de hoogte van een pensioen dat vóór 1 januari 2013 is ingegaan ten laatste bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd vastgesteld.

II

Na artikel IV wordt een artikel ingevoegd, luidende:

ARTIKEL IVA

In de Wet op de loonbelasting 1964 vervalt per 1 januari 2016 artikel 38l.

III

Na artikel XXXI worden vier artikelen ingevoegd, luidende:

ARTIKEL XXXIA

In de Pensioenwet wordt aan artikel 63 een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In afwijking in zoverre van het eerste lid, onderdeel b, kan de mate van variatie uiterlijk bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd worden vastgesteld indien het pensioen is ingegaan vóór 1 januari 2013.

ARTIKEL XXXIB

In de Pensioenwet vervalt per 1 januari 2016 artikel 63, derde lid.

ARTIKEL XXXIC

In de Wet verplichte beroepspensioenregeling wordt aan artikel 75 een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In afwijking in zoverre van het eerste lid, onderdeel b kan de mate van variatie uiterlijk bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd worden vastgesteld indien het pensioen is ingegaan vóór 1 januari 2013.

ARTIKEL XXXID

In de Wet verplichte beroepspensioenregeling vervalt per 1 januari 2016 artikel 75, derde lid.

Toelichting

Dit amendement maakt variabilisatie van reeds vóór 1 januari 2013 ingegaan pensioen tijdelijk mogelijk. Hierdoor kan ook bij een dergelijk pensioen een AOW-gat tussen de 65-jarige leeftijd en de latere AOW-ingangsdatum worden opgevuld met tijdelijk hogere pensioenuitkeringen gevolgd door een lager pensioen over de resterende uitkeringsperiode.

Neppérus Groot