Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-201333400-V nr. 95

33 400 V Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Buitenlandse Zaken (V) en van de begrotingsstaat van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (XVII) voor het jaar 2013

Nr. 95 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 14 december 2012

In reactie op het verzoek van de vaste commissie van Buitenlandse Zaken van 22 november 2012, ontvangt u hierbij een korte appreciatie van de gevolgen van de leiderschapswisseling binnen de Chinese Communistische Partij (CCP) voor de binnen- en buitenlandse politiek.

De aanstelling van de opvolgers van president Hu Jintao en premier Wen Jiabao krijgt naar verwachting tijdens het Nationale Volkscongres in maart 2013 zijn beslag. Deze brief gaat in op de leiderschapswisseling binnen de Chinese Communistische Partij, de verwachte koers van de CCP en de gevolgen voor het Nederlandse beleid.

Nieuwe leiders van de Chinese Communistische Partij (CCP)

Van 8 tot en met 14 november 2012 vond in Beijing het 18e Partijcongres van de Chinese Communistische Partij (CCP) plaats. Tijdens dit Congres hebben de naar schatting 80 miljoen partijleden via hun 2 268 afgevaardigden de leden van het Centraal Comité (376) gekozen voor de periode 2012–2017. Het Centraal Comité heeft op zijn beurt de nieuwe partijleiders van het hoogste Partijorgaan benoemd: het Staand Comité van het Politbureau (zeven leden) en het Politbureau zelf (25 leden inclusief het Staand Comité). Xi Jinping is de nieuwe secretaris-generaal en voorzitter van het Centraal Militaire Commissie van de CCP. Li Keqiang is de nummer twee van de CCP. De overige vijf leden van het Staand Comité zijn nieuw in het comité: Zhang Dejiang, Yu Zhengsheng, Liu Yunshan, Wang Qishan en Zhang Gaoli.

De beraadslagingen van het Congres vonden zoals gebruikelijk achter gesloten deuren plaats. Voor de verkiezing van de leden van het Politbureau en het Staand Comité waren de kandidaten vooraf bepaald, met één kandidaat per beschikbare positie. De onderhandelingen (en eventuele politieke strijd) onttrokken zich aan het zicht van de buitenwereld.

Opvallend bij de wisseling van de leden van het Staand Comité is dat slechts twee van de zeven leden (Xi Jinping en Li Keqiang) in aanmerking komen voor een tweede termijn van vijf jaar. De overige vijf leden bereiken in 2017 de pensioengerechtigde leeftijd en dienen dan plaats te maken voor jongere leden. Het nieuwe Staand Comité zal als geheel dus minder bepalend zijn voor de koers van de komende 10 jaar en geldt in die zin als een «overgangsleiderschap». Verder is opvallend dat het aantal leden van het Staand Comité is teruggebracht van negen naar zeven, wat er op zou kunnen wijzen dat het eenvoudiger zal zijn om consensus bij besluitvorming te bereiken.

De afsluiting van het 18e Partijcongres is het begin van een grootschalige persoonswisseling binnen de CCP en de regering. In de maanden tot aan de Vergadering van het Volkscongres (het Chinese parlement) in maart 2013 zullen ongeveer 70–80% van de belangrijke regerings- en partijfunctionarissen gewisseld worden.

De benoeming van president, premier en andere regeringsfunctionarissen zal in maart 2013 plaatsvinden, waarbij Xi Jinping en Li Keqiang naar verwachting als respectievelijk president en premier voor een termijn van vijf jaar zullen worden aangesteld. Herverkiezing is eenmaal mogelijk voor nog een periode van vijf jaar.

Verwachte koers

In de ogen van het Chinese leiderschap is een belangrijke functie van het Partijcongres om de legitimiteit van en het recht op de leiderschapsrol van de Chinese Communistische Partij (CCP) in het land kracht bij te zetten. Het Congres blikt terug op wat in de afgelopen periode is bereikt, stippelt de grote lijnen uit voor de toekomst, maar stelt geen nieuw beleid vast. Het nieuwe leiderschap is gehouden aan het 12e Vijfjarenplan (2011–2015) dat zij mede heeft bepaald.

Secretaris-generaal en president Hu Jintao presenteerde tijdens het 18e Partijcongres het 18e werkrapport, dat niet veel afweek van de twee voorgaande rapporten van het 16e en 17e Congres. Economische ontwikkeling en werkgelegenheid blijven de centrale thema’s voor de CCP. Sociale stabiliteit, welzijn en welvaartsverdeling krijgen daarbij meer nadruk. Ook aan de bescherming van het milieu en «groene groei» wordt nadrukkelijk meer belang toegekend. Hu Jintao stelde, evenals tijdens voorgaande congressen, dat corruptie een existentiële bedreiging voor de Partij vormt. Xi Jinping ging in zijn toespraak in op de verantwoordelijke rol van de CCP en het belang van uitbannen van corruptie.

Het is niet mogelijk met zekerheid te stellen welke koers het nieuwe leiderschap in de praktijk zal varen. Er mag worden aangenomen dat niet of nauwelijks zal worden afgeweken van de grote lijnen van het 12e Vijfjarenplan (2011–2015), zowel op politiek-economisch terrein als wat betreft het buitenlands beleid. Dit betekent dat de aandacht gericht zal blijven op graduele economische hervormingen en dat substantiële politieke hervormingen op de korte termijn onwaarschijnlijk zijn.

NL – China beleid

Het één-Chinabeleid, erkenning van de territoriale integriteit en een constructief-kritische houding ten aanzien van mensenrechten vormen uitgangspunten voor de relatie met China.

Vanwege de groeiende politieke en economische invloed van China en de toenemende onderlinge afhankelijkheid, heeft Nederland belang bij een welvarend, stabiel China dat zich constructief opstelt in zijn internationale relaties.

Nederland werkt op een veelvoud van terreinen samen met China en zoekt dialoog op wereldwijde kwesties. De Nederlandse regering is voornemens de contacten met China over de mensenrechtensituatie en de concrete samenwerking in projecten op het gebied van rechtstaatontwikkeling en behoud van Tibetaanse cultureel erfgoed voort te zetten. Nederland zoekt via het topsectorenbeleid aansluiting bij de prioriteiten uit het 12e Vijfjarenplan. Er liggen nog veel kansen voor het Nederlandse bedrijfsleven door de toenemende verschuiving in China van een export geleide economie naar een economie die de interne consumptie stimuleert.

Om de relaties effectief te onderhouden is een goede en werkbare verhouding met het nieuwe leiderschap in China noodzakelijk. De Nederlandse inzet is dat regelmatig bezoeken op verschillende niveaus over en weer plaatsvinden.

De Europese Unie is een belangrijk vehikel voor het waarborgen van de Nederlandse belangen in relatie tot China. De EU heeft tientallen dialogen over een wijd spectrum van onderwerpen met Chinese counterparts, die de relaties ten goede komen. Nederland is samen met andere «vrijhandelslanden» actief binnen de EU om de handelsrelaties te versterken. Daarbij wordt ook aandacht besteed aan kwesties als bescherming van intellectueel eigendom, markttoegang voor Europese bedrijven en een level playing field voor investeerders in China. Ook aandacht voor universele waarden als mensenrechten wordt mede op Nederlandse instigatie vast ingebracht in de Europese dialoog met China.

De minister van Buitenlandse Zaken, F.C.G.M. Timmermans