Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202033358 nr. 20

33 358 Marinierskazerne Zeeland

Nr. 20 MOTIE VAN HET LID VAN DER STAAIJ C.S.

Voorgesteld 20 februari 2020

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het kabinet het voorgenomen besluit heeft genomen om de marinierskazerne toch niet naar Vlissingen te verplaatsen,

constaterende dat het oorspronkelijke besluit van 2012 ook bedoeld was als compensatie voor het grote verlies aan rijksbanen in Zeeland in de jaren daarvoor, en daarmee extra zorgvuldigheid was geboden;

overwegende dat het besluitvormingsproces om de marinierskazerne niet naar Vlissingen te verplaatsen ernstige gebreken vertoont in onder meer de afstemming met Zeeland en het niet voorzien en bespreken van een alternatief voor Zeeland;

overwegende dat hiermee het vertrouwen van de regio in het kabinet als bestuurlijke partner grote schade heeft opgelopen;

spreekt haar afkeuring uit over het door de regering gevoerde beleid,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van der Staaij

Krol

Kerstens

Karabulut

Van Kooten-Arissen

Van Haga

Baudet