33 258 Voorstel van wet van de leden Van Raak, Fokke, Koşer Kaya, Voortman, Segers, Thieme en Klein houdende de oprichting van een Huis voor klokkenluiders (Wet Huis voor klokkenluiders)

Nr. 34 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 14 december 2017

Het bestuur van het Huis voor klokkenluiders heeft medio oktober 2017 aan de heer drs. M.A. Ruys opdracht gegeven onderzoek te verrichten naar het wettelijke en organisatorische kader waarbinnen het Huis haar maatschappelijk zeer relevante taak moet uitvoeren. Aanleiding voor deze opdracht zijn de binnen het bestuur van het Huis voor klokkenluiders bestaande verschillen van inzicht over de strategie van het Huis voor klokkenluiders.

Het bestuur van het Huis heeft de heer Ruys gevraagd aan te geven hoe het Huis beter kan worden toegerust en ingericht. Hierbij is hem gevraagd te komen met een samenhangend advies voor de inrichting van het Huis en de bestuurlijke structuur.

Vandaag heb ik het rapport van deze onderzoeker ontvangen. U treft het bijgaand aan1.

Zowel het bestuur van het Huis voor klokkenluiders als ik hebben kennisgenomen van de aanbevelingen van de heer Ruys. Eén van de aanbevelingen betreft de positie van het huidige bestuur. In reactie op het rapport heeft het bestuur mij laten weten op korte termijn (8 januari 2018) te zullen aftreden.

Ik ben voornemens per die datum een interim-voorzitter te benoemen.

Ik heb prof. mr. dr. E.R. Muller bereid gevonden deze functie op interim-basis, naast zijn bestaande activiteiten, te vervullen. De heer Muller is vicevoorzitter van de Onderzoeksraad voor Veiligheid en hoogleraar Veiligheid en Recht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.

De heer Muller zal de implementatie van de aanbevelingen van de heer Ruys ter hand nemen. Ik zal samen met de heer Muller bezien op welke wijze verdere invulling aan het interim-bestuur kan worden gegeven.

Mijn streven is erop gericht om zo spoedig mogelijk weer een bestuur te formeren. In overleg met het interim-bestuur zal ik op korte termijn starten met de werving van een voorzitter. De te benoemen voorzitter zal betrokken worden bij de werving van overige bestuursleden voor het Huis voor klokkenluiders.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K.H. Ollongren


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

Naar boven