Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201233250 nr. 5

33 250 Wijziging van een aantal wetten, houdende regels betreffende zelfstandige bestuursorganen die onder de Minister van Infrastructuur en Milieu ressorteren en enige wijzigingen ter actualisatie, vereenvoudiging en verduidelijking (Aanpassingswet zbo’s IenM aan de Kaderwet zbo’s)

Nr. 5 VERSLAG

Vastgesteld op 15 juni 2012

De vaste commissie voor Infrastructuur en Milieu, belast met het voorbereidend onderzoek van dit wetsvoorstel, heeft de eer verslag uit te brengen van haar bevindingen. Het verslag behandelt alleen die onderdelen waarover door de genoemde fracties inbreng is geleverd.

Onder het voorbehoud dat de regering de gestelde vragen tijdig en afdoende zal hebben beantwoord, acht de commissie de openbare behandeling van dit wetsvoorstel voldoende voorbereid.

Inhoud

Inleiding

1

1.

Algemeen

2

2.

CBR

2

3.

SACN

3

Inleiding

De leden van de VVD-fractie hebben met belangstelling kennis genomen van de Wijziging van een aantal wetten, houdende regels betreffende zelfstandige bestuursorganen die onder de minister van Infrastructuur en Milieu ressorteren en enige wijzigingen ter actualisatie, vereenvoudiging en verduidelijking (Aanpassingswet zbo’s IenM aan de Kaderwet zbo’s) en maken graag gebruik van de mogelijkheid tot het stellen van nog enkele vragen.

De leden van de PvdA-fractie hebben kennisgenomen van het wetsvoorstel en hebben thans geen behoefte aan het stellen van vragen en het maken van opmerkingen.

De leden van de PVV-fractie hebben kennisgenomen van het wetsvoorstel en hebben thans geen behoefte aan het stellen van vragen en het maken van opmerkingen.

De leden van de CDA-fractie hebben met belastingstelling kennis genomen van het voornemen van de regering om zbo’s behorende tot het beleidsterrein van Infrastructuur en Milieu onder de Kaderwet zbo’s te brengen. Hiermee wordt gestreefd naar harmonisatie van de positie en aansturing van zbo’s. De leden wensen toch enkele vragen te stellen.

De leden van de SP-fractie hebben met belangstelling kennis genomen van het voorstel en wensen nog enkele vragen te stellen.

De leden van de D66-fractie fractie hebben kennisgenomen van het wetsvoorstel en hebben thans geen behoefte aan het stellen van vragen en het maken van opmerkingen.

De leden van de GroenLinks-fractie hebben kennisgenomen van het wetsvoorstel en hebben thans geen behoefte aan het stellen van vragen en het maken van opmerkingen.

De leden van de ChristenUnie-fractie hebben kennisgenomen van het wetsvoorstel en hebben thans geen behoefte aan het stellen van vragen en het maken van opmerkingen.

1. Algemeen

De leden van de VVD-fractie beseffen dat sommige zbo’s zoals de Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL) en de Stichting Airport Coordination Netherlands (SACN) een internationaal karakter hebben. Hier kan het gaan om samenwerkingsverbanden, en er is ook een relatie met initiatieven als een gemeenschappelijk Europees luchtruim. Heeft het onder de Kaderwet brengen van de zbo’s nog invloed op deze samenwerkingsverbanden en initiatieven?

De leden van de VVD-fractie hebben vervolgens de vraag of het onder de Kaderwet brengen van de zbo’s administratieve consequenties heeft voor de overheid zelf. In hoeverre leidt dit tot meer bureaucratie? Of is hier geen sprake van?

Met betrekking tot de overheveling van enkele bevoegdheden van de raad van toezicht naar de minister hebben de leden van de VVD-fractie de vraag of dit nog consequenties heeft voor de bezetting van de raden van toezicht.

De leden van de CDA-fractie lezen in de Memorie van Toelichting (MvT) dat veel taken van de Raad van Toezicht van een zbo bij de minister van Infrastructuur en Milieu worden belegd. Kan de regering toelichten welke toezichthoudende taken de verschillende Raden houden?

De leden van de VVD-fractie vragen of de regering ook een verbeterslag verwacht in het functioneren van de zbo’s na het onder de Kaderwet brengen? Zo ja, welke verbeteringen ziet de regering?

De leden van de CDA-fractie merken op dat bij veel van de zbo’s, de betreffende cao’s niet onder het regime van de kaderwet gebracht worden. Elk zbo kan de eigen cao houden. Op welke manier draagt dit bij aan uniformiteit?

2. CBR

De leden van de CDA-fractie menen dat de klachtenprocedure bij het CBR de laatste tijd verbeterd is. Artikel 19 van de Kaderwet schrijft voor dat een zbo toeziet op zorgvuldige behandeling van personen en instellingen die in aanraking komen met de zbo. Hiertoe wordt een gebruikersraad ingesteld. Kan de regering aangeven op welke manier dit de klachtenafhandeling kan verbeteren?

De leden van de SP-fractie vinden het verheugend om te zien dat de regering het CBR van een privaatrechtelijke naar een publiekrechtelijke ZBO omzet. De leden van de SP- fractie hebben jarenlang gewezen op de problemen bij het CBR. Het CBR is een zogenaamd zelfstandig bestuursorgaan (ZBO). Zij voert een overheidstaak uit, maar is wel een zelfstandige organisatie. Aangezien er bij de rijexamens geen sprake is van een concurrerende markt, heeft het CBR een natuurlijk monopolie. De combinatie van een zelfstandige organisatie en het natuurlijke monopolie heeft er bij het CBR toe geleid dat de klant niet langer centraal staat. Het CBR stelt exameneisen vast, examineert, bepaalt de bijzondere gevallen, de geldigheidsduur van een rijbewijs en de medische eisen. Ook behandelt zij haar eigen klachten. Dit alles heeft er volgens deze leden toe geleid dat het CBR een klantonvriendelijke moloch is geworden die haar klanten niet centraal stelt. Voor de lange termijn is het volgens de leden van de SP-fractie noodzakelijk dat het CBR weer onder directe democratische controle valt. Een dergelijke organisatie die als enige een wettelijke taak uitvoert, hoort niet zelfstandig te opereren, maar direct aangestuurd te worden door de minister. In dat licht is het ook goed dat de andere publiekrechtelijke organen onder de kaderwet vallen. Meer democratische controle is goed en gewenst.

3. SACN

De leden van de CDA-fractie missen in de MvT de door de Raad van State gevraagde toelichting op het achterwege blijven van ministeriële controle van de begroting van de Stichting Airport Coordination Netherlands (SACN). De MvT geeft aan dat de financiële controle plaatsvindt door de Raad van Toezicht, bestaande uit vertegenwoordigers van de luchtvaartmaatschappijen en luchthavens die de SACN financieren. Kan de regering toelichten waarom, juist vanwege de onafhankelijke status die SACN heeft, de minister geen toezicht houdt op de begroting?

Bij de Stichting Airport Coordination Netherlands hebben de leden van de SP-fractie nog de vraag of de minister dan ook de mogelijkheid krijgt om te sturen op het toewijzingsbeleid van de slots voor start en landingen. Zo niet, ziet de regering dan ook niet de voordelen van het hebben van die bevoegdheid?

De voorzitter van de commissie, Snijder-Hazelhoff

De griffier van de commissie, Sneep