Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:
1.
Artikel I, onderdeel K, komt te luiden:
K
Artikel 63a wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt na «28, eerste lid,» ingevoegd: 29g, tweede lid,.
2. Onder vernummering van het zesde en zevende lid tot zevende en achtste lid wordt
na het vijfde lid een lid ingevoegd, luidende:
6. In afwijking van het eerste en vierde lid verricht het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
de werkzaamheden in verband met de uitvoering van de artikelen 19aa en 19ab en verstrekt
het de informatie over het arbeidsverleden, bedoeld in artikel 33d van de Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, in verband met de uitvoering van artikel 29f
kosteloos aan de eigenrisicodrager.
2.
Artikel II, onderdeel K, vierde en vijfde lid, vervallen.
3.
In het in artikel II, onderdeel R, vijfde lid, voorgestelde onderdeel s wordt «artikel
63a, vierde en vijfde lid» vervangen door «artikel 63a, vierde, vijfde en zesde lid»
en wordt «zesde» vervangen door: zevende.
4.
In het in artikel II, onderdeel S, voorgestelde artikel 117a, onderdeel b, vervalt
«91».
5.
In het in artikel II, onderdeel T, vierde lid, voorgestelde onderdeel d wordt «bedoelde
uitkeringen.» vervangen door: bedoelde uitkeringen, met uitzondering van de kosten
van uitvoering van de artikelen 19aa en 19ab van de Ziektewet.
6.
Artikel VIII, tweede lid, komt te luiden:
2. In het derde lid, onderdeel c, wordt «84, tweede lid» vervangen door «84, tweede
of achtste lid,» en aan het derde lid, onderdeel c, wordt na «van toepassing zijn»
ingevoegd: en ten aanzien van de personen, bedoeld in artikel 63a van de Ziektewet,
voor de betaling van het ziekengeld aan wie de eigenrisicodrager in de zin van de
Ziektewet het risico draagt.
Toelichting
De wijziging in onderdeel 1 heeft tot doel de regeling over de taakverdeling tussen
de eigenrisicodrager ZW en het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV)
in artikel 63a van de Ziektewet (ZW) in overeenstemming te brengen met de memorie
van toelichting. Daarmee wordt bepaald, dat de beoordeling van de mate van arbeidsongeschiktheid
na 52 weken uitsluitend de taak van het UWV is. Dan is de eigenrisicodrager daarvoor
ook geen kostenvergoeding verschuldigd. Verder wordt de informatie over het opgebouwde
arbeidsverleden van de werknemer door het UWV kosteloos ter beschikking gesteld aan
de eigenrisicodrager. De wijzigingen in de onderdelen 3 en 5 hangen hiermee samen.
Geregeld wordt dat deze uitvoeringskosten ten laste komen van het Arbeidsongeschiktheidsfonds
(onderdeel 3, waarin ook rekening wordt gehouden met de vernummering in artikel 63a
ZW) en niet ten laste van de Werkhervattingskas (onderdeel 5).
De wijzigingen in onderdeel 2 betreffen een correctie in de regeling van de uitvoeringskosten,
die ten laste van het Algemeen Werkloosheidsfonds komen. De voorgestelde wijzigingen
zijn met de nieuwe inhoud van onderdeel b (ziekengeld aan zieke werklozen) niet noodzakelijk.
In onderdeel 4 wordt zoals nu ook het geval is geregeld, dat de bestuurlijke boeten,
die betaald worden door ontvangers van een WGA-uitkering niet ten gunste van de Werkhervattingskas
komen maar van het Arbeidsongeschiktheidsfonds.
Onderdeel 6 heeft betrekking op de verantwoordelijkheid van de eigenrisicodrager voor
de re-integratie. In de Wet SUWI wordt geregeld, dat het UWV die verantwoordelijkheid
niet heeft voor ontvangers van WGA-uitkeringen in geval van eigenrisicodragen. Dan
berust die verantwoordelijkheid bij de eigenrisicodrager. Dit geldt echter voor zover
de eigenrisicodrager ook de uitkeringen betaalt. Met de voorgestelde wijziging wordt
aan de uitzonderingen daarop toegevoegd, dat dat niet geldt als de eigenrisicodrager
de kosten van WGA-uitkeringen niet of gedeeltelijk niet voor zijn rekening hoeft te
nemen op grond van de algemene maatregel van bestuur geregeld in artikel 84, achtste
lid, van de Wet WIA. Het gaat hier bijvoorbeeld om de situatie dat de staartlasten
(de WGA- uitkeringen aan werknemers, die al ziek of arbeidsongeschikt waren op het
moment van de aanvang van het eigenrisicodragen) niet door kleine werkgevers hoeven
te worden gedragen. Voor de nadere afstemming tussen UWV en de eigenrisicodrager bij
de re-integratie verantwoordelijkheid in deze omstandigheden kunnen op grond van artikel
30a, negende lid, van de Wet SUWI bij of krachtens algemene maatregel van bestuur
regels worden gesteld.
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
H. G. J. Kamp