Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201233240-IXA nr. 2

33 240 IXA Jaarverslag en slotwet van Nationale Schuld 2011

Nr. 2 RAPPORT BIJ HET JAARVERSLAG 2011 VAN NATIONALE SCHULD (IXA)

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

’s-Gravenhage, 16 mei 2012

Hierbij bieden wij u het op 7 mei 2012 door ons vastgestelde «Rapport bij het Jaarverslag 2011 van Nationale Schuld (IXA)» aan.

Algemene Rekenkamer

drs. Saskia J. Stuiveling, president

dr. Ellen M.A. van Schoten RA, secretaris

ONS ONDERZOEK

De ministers verantwoorden zich met hun jaarverslagen aan de Staten-Generaal. De jaarverslagen moeten inzicht geven in de mate waarin de beleidsdoelstellingen zijn gerealiseerd en antwoord geven op de vraag of het geld is besteed aan het doel waarvoor het beschikbaar is gesteld.

De Algemene Rekenkamer is nagegaan of de financiële informatie in het jaarverslag voldoet aan de eisen. Dit rapport bevat de belangrijkste uitkomsten en onze oordelen over het Jaarverslag 2011 van Nationale Schuld (IXA). Op onze website www.rekenkamer.nl staan het achtergronddocument bij dit rapport en de volledige reactie van de minister van Financiën (van 26 april 2012).

Begrotingshoofdstuk Nationale Schuld (IXA) behandelt de schuld van de Nederlandse rijksoverheid. De minister van Financiën is op grond van artikel 19 CW 2001 verantwoordelijk voor het beheer van de begroting van Nationale Schuld. Dit beheer is onderdeel van de bedrijfsvoering van het Ministerie van Financiën. Daarover rapporteren wij in ons Rapport bij het Jaarverslag 2011 van het Ministerie van Financiën (IXB).

In onderstaand overzicht zijn de verplichtingen, uitgaven en ontvangsten van Nationale Schuld opgenomen.

Nationale Schuld in cijfers

2010

2011

Verplichtingen (€ mln.)

43 250,1

58 206,8

Uitgaven (€ mln.)

43 250,1

58 206,8

Ontvangsten (€ mln.)

58 003,9

55 467,6

FINANCIËLE INFORMATIE

Voldoet de financiële informatie aan de eisen?

De op basis van onze werkzaamheden verkregen controle-informatie heeft ons tot het oordeel doen komen, dat de financiële informatie in het Jaarverslag 2011 deugdelijk is weergegeven en voldoet aan de verslaggevingsvoorschriften. Daarnaast zijn wij van oordeel dat de verplichtingen, uitgaven, ontvangsten en balansposten rechtmatig tot stand gekomen zijn.

Het bedrag aan verplichtingen omvat in totaal € 7 954,1 miljoen aan overschrijdingen op de begrotingsartikelen 1 en 2. Het bedrag aan uitgaven omvat in totaal € 7 954,1 miljoen aan overschrijdingen op de begrotingsartikelen 1 en 2. Gaan de Staten-Generaal niet akkoord met de samenhangende slotwetmutaties, dan moeten wij ons oordeel mogelijk herzien.

Begrotingshoofdstuk Nationale Schuld (IXA) behandelt de schuld van de Nederlandse rijksoverheid. Ook levert het relevante achtergrondinformatie bij deze schuld. Bij de behandeling maakt het ministerie onderscheid tussen twee typen schuld:

  • Schuld die extern wordt gefinancierd door bijvoorbeeld banken, beleggers en pensioenfondsen. Deze schuld valt onder de noemer financiering staatsschuld.

  • Schulden of tegoeden die verschillende aan de schatkist gelieerde instellingen hebben bij het Ministerie van Financiën. Dit wordt kasbeheer genoemd. Schatkistgelieerde instellingen zijn onder meer baten-lastendiensten en sociale fondsen.

Eind 2011 bedroeg de staatsschuld € 330 miljard. In 2011 bedroegen de rentekosten van de staatsschuld (artikel 1, Financiering Staatsschuld) € 10 miljard.

Schatkistbankieren

Omdat diverse publieke instellingen hun tegoeden aanhouden bij de Staat is er sprake van een schuldverhouding tussen de Staat en de deelnemende instellingen van het schatkistbankieren. Sinds 2009 is er per saldo sprake van een vordering van de Staat op de deelnemers. Deze vordering wordt voor een deel veroorzaakt door verslechterde saldi van de sociale fondsen. In 2011 zijn de saldi van de sociale fondsen verder verslechterd. Dat komt doordat de premies voor hun uitgaven niet dekkend zijn.

Vorig jaar hebben we de minister van Financiën verzocht om meer inzicht te bieden in de saldo’s van de verschillende sociale fondsen. De minister heeft dit in het Jaarverslag 2011 van Nationale Schuld gedaan. Het saldo van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) bedraagt eind 2011 € 1,9 miljard positief, het saldo van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) € 1,7 miljard positief en het saldo van het College voor zorgverzekeringen (CVZ) € 14,2 miljard negatief. Samen levert dit het saldo van € 10,6 miljard negatief op. Eind 2010 bedroeg het cumulatieve saldo van de sociale fondsen nog € 3,3 miljard negatief. De begroting van Nationale Schuld 2012 en de daarin opgenomen meerjarenraming laat voor de komende jaren een verdere verslechtering van dit saldo zien.

In ons rapport Uitgavenbeheersing in de Zorg 1 bevelen we aan een besluit om het jaarlijkse tekort in de AWBZ uit de algemene middelen te bekostigen aan de Tweede Kamer voor te leggen. We oordelen dat de transparantie over de financiering van de AWBZ onvoldoende is, omdat een deel van de financiering een rijksbijdrage is in de vorm van een lening die nooit zal worden terugbetaald. Het tekort in het AWBZ-fonds is naar verwachting structureel, doordat de premie reeds diverse jaren niet dekkend wordt vastgesteld.

Reactie van de minister en nawoord Algemene Rekenkamer

Reactie

De minister is het niet eens met ons oordeel dat de transparantie over de financiering van de AWBZ onvoldoende is, omdat een deel van de financiering een rijksbijdrage is in de vorm van een lening die nooit zal worden terugbetaald. Hij verwijst naar de reactie op het rapport Uitgavenbeheersing in de Zorg. In 2006 heeft de Tweede Kamer ervoor gekozen om geen algemene rijksbijdrage te introduceren voor de sociale verzekeringen. Een dergelijke rijksbijdrage zou het mogelijk maken de aanbeveling van de Algemene Rekenkamer op te volgen en het jaarlijks tekort te dekken. In diezelfde reactie heeft de minister aangegeven dat het kabinet van mening is dat de transparantie van de financiering van de AWBZ voldoende is.

Nawoord

In 2006 is bij amendement lid Omtzigt (Tweede Kamer, vergaderjaar 2005–2006, 30 238, nr. 9) door de Tweede Kamer het wetsvoorstel Verzamelwet sociale verzekeringen 2006 aangepast. Daardoor is toen de bijdrage in de kosten van kortingen (BIKK) in de Wet financiering sociale verzekeringen gehandhaafd en niet vervangen door rijksbijdragen. In ons nawoord in ons rapport Uitgavenbeheersing in de zorg van 3 november 2011 hebben we hierbij al stilgestaan.

In het licht van de ná 2006 drastisch gewijzigde financiële situatie en met het oog op de maximaal benodigde transparantie van de zorguitgaven om de uitgavenbeheersing daarvan optimaal te kunnen inrichten en uitvoeren, achten wij opnieuw aandacht voor deze impliciete dekking via het schatkistbankieren (waarover in deze jaarrekening verslag wordt gedaan) verstandig.

ONS OORDEEL

Financiële informatie

In het achtergronddocument bij dit Rapport bij het Jaarverslag 2011 van Nationale Schuld hebben wij toegelicht wat de verantwoordelijkheid is van de minister en van ons en welke werkzaamheden wij verricht hebben. De op basis van deze werkzaamheden verkregen controle-informatie heeft ons tot het oordeel doen komen dat:

  • de in de financiële overzichten opgenomen financiële informatie deugdelijk is weergegeven en voldoet aan de verslaggevingsvoorschriften;

  • de in de financiële overzichten opgenomen verplichtingen, uitgaven, ontvangsten en balansposten rechtmatig tot stand gekomen zijn.


X Noot
1

Algemene Rekenkamer, 2011. Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 33 060, nr. 2. Den Haag: Sdu.