Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201233240-IIB nr. 5

33 240 IIB Jaarverslag en slotwet overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten 2011

Nr. 5 LIJST VAN VRAGEN EN ANTWOORDEN

Vastgesteld 11 juni 2012

De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken heeft een aantal vragen voorgelegd aan de ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en voor Immigratie, Integratie en Asiel over het Jaarverslag van de overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten 2011 (Kamerstuk 33 240 IIB, nr. 1).

De ministers hebben deze vragen beantwoord bij brief van 7 juni 2012. Vragen en antwoorden zijn hierna afgedrukt.

De voorzitter van de commissie, Wolbert

Adjunct-griffier van de commissie, Hendrickx

1

Wat zijn de kerntaken van de Nationale ombudsman en omvatten deze kerntaken projecten in landen als Servië, Griekenland, Rwanda en Oeganda?

De kerntaken van de Nationale ombudsman zijn vastgelegd in de Wet. In grote lijnen is dat het volgende:

De burger heeft recht op behoorlijke behandeling door de overheid. Meestal gebeurt dat ook. Maar het lukt niet altijd. Dan kan de burger terecht bij de Nationale ombudsman, wiens missie is de burger te beschermen tegen onbehoorlijk overheidsoptreden. De Nationale ombudsman is, als Hoog College van Staat onafhankelijk. De organisatie is gericht op het effectief oplossen van problemen tussen burgers en overheid door steeds een verbinding te leggen tussen rechtmatigheid en behoorlijkheid. Het voortdurend ontwikkelen van deze behoorlijkheid is het uitgangspunt, zowel voor het functioneren van de eigen professionals en organisatie, als voor overheidsinstanties.

De projecten in het buitenland vinden plaats op initiatief van de Nederlandse regering, het ministerie van Buitenlandse Zaken, de Europese Unie of de Raad van Europa. De Nationale ombudsman sluit daarbij aan op het nationaal en internationaal vastgestelde beleid ten aanzien van aandachtsgebieden. Voor deze activiteiten is financiële ondersteuning door het ministerie van Buitenlandse Zaken beschikbaar.

2

Is het feitelijk juist dat Nederlanders in veel verschillende Nederlandse gemeenten voor klachten ten aanzien van de gemeente waarin ze wonen geen beroep kunnen doen op de Nationale ombudsman, die een gedeelte van zijn tijd bezig is met een bepaalde vorm van ontwikkelingshulp?

Nee, dat is feitelijk niet juist. Inwoners van gemeenten krijgen altijd antwoord op hun vraag of klacht. 65% van de gemeenten in Nederland zijn aangesloten bij de Nationale ombudsman. De overige gemeenten hebben hiervoor een lokale ombudsman ingesteld.

3

Hoeveel kosten heeft de Nationale ombudsman in totaal gemaakt bij het uitvoeren van projecten in, of ten gunste van het buitenland? Van welke post is dit bedrag afkomstig? Worden deze kosten beschouwd als ontwikkelingshulp en gaan deze kosten ook van het budget voor ontwikkelingshulp af?

Bij deelname aan projecten in het buitenland wordt een kostendekkende subsidie toegekend door het ministerie van Buitenlandse Zaken, de EU of de Raad van Europa.