Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201233171 nr. 7

33 171 Wijziging van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek en enkele andere wetten in verband met de implementatie van Richtlijn 2011/7/EU van het Europees Parlement en de Raad van 23 februari 2011 betreffende bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties (Pb EU L48/1)

Nr. 7 NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 22 mei 2012

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

A

Onderdeel A, onder 2, van artikel I komt te luiden:

2. In lid 6 (nieuw) vervalt «als bedoeld in lid 4, eerste volzin,» en «van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek».

B

In het in artikel I, onderdeel C, voorgestelde eerste lid, tweede volzin, van artikel 119b wordt de zinsnede «zijn territoriale lichamen, publiekrechtelijke instellingen en verenigingen gevormd door een of meer van deze lichamen of een of meer van deze» vervangen door: een provincie, een gemeente, een waterschap of een publiekrechtelijke instelling dan wel een samenwerkingsverband van deze overheden of.

Toelichting

Deze nota van wijziging bevat een technische en een terminologische verbetering. Per 1 juli 2012 wordt door de Wet incassokosten (Stb. 2012, 140) een nieuw vijfde lid aan artikel 96 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek toegevoegd. In dit wetsvoorstel wordt dat vijfde lid vernummerd tot zesde lid. In het zesde lid (nieuw) van artikel 96 wordt verwezen naar artikel 81 «van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek». Omdat beide artikelen in Boek 6 zijn geplaatst, is de verwijzing naar het boek overbodig.

De tekst van artikel I, onderdeel C (artikel 119b, eerste lid, tweede volzin, van boek 6 van het Burgerlijk Wetboek) is in overeenstemming gebracht met de gehanteerde terminologie in het wetsvoorstel Aanbestedingswet (Kamerstukken II 2009/10, 32 440) waarin eveneens een definitie van aanbestedende dienst wordt gegeven. Met deze wijziging wordt bereikt dat uit de wet volgt wat onder het begrip overheidsinstantie moet worden verstaan.

De minister van Veiligheid en Justitie, I. W. Opstelten