Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201233161 nr. 54

33 161 Wijziging van de Wet werk en bijstand, de Wet sociale werkvoorziening, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten en enige andere wetten gericht op bevordering deelname aan de arbeidsmarkt voor mensen met arbeidsvermogen en harmonisatie van deze regelingen (Invoeringswet Wet werken naar vermogen)

Nr. 54 MOTIE VAN HET LID ORTEGA-MARTIJN

Voorgesteld 18 april 2012

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Wajong wordt beperkt tot mensen die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn en de WSW tot mensen met een indicatie «beschut werk» zodat er een grotere groep een beroep zal doen op de Wet werken naar vermogen;

constaterende dat de groei van deze groep een evenredige groei van de uitvoeringskosten van gemeenten veroorzaakt;

overwegende dat het kabinet heeft aangekondigd om een extra bedrag toe te voegen aan het budget voor de uitvoeringskosten van gemeenten dat in 2015 zal zijn opgelopen tot 27 mln.;

van mening dat deze intensivering onvoldoende rekening houdt met de ontwikkeling van het bestand binnen de Wet werken naar vermogen;

verzoekt de regering, om aan te geven hoe de omvang van de doelgroep van de Wet werken naar vermogen zich in de komende jaren ontwikkelt en om de vergoeding voor de uitvoeringskosten richting de gemeenten hierop te baseren,

en gaat over tot de orde van de dag.

Ortega-Martijn