Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201233161 nr. 26

33 161 Wijziging van de Wet werk en bijstand, de Wet sociale werkvoorziening, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten en enige andere wetten gericht op bevordering deelname aan de arbeidsmarkt voor mensen met arbeidsvermogen en harmonisatie van deze regelingen (Invoeringswet Wet werken naar vermogen)

Nr. 26 AMENDEMENT VAN HET LID HAMER

Ontvangen 16 april 2012

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

In artikel I wordt na onderdeel I een onderdeel toegevoegd, luidende:

Ia

In artikel 35, negende lid, wordt «Het derde tot en met zesde lid» vervangen door: Het derde, vierde en zesde lid.

Toelichting

In Nederland leven 310 000 kinderen in gezinnen met kans op armoede. Bijna één op de tien kinderen groeit op in een gezin dat kampt met armoede en groeit daardoor op met een achterstand. Gemeentes hebben de afgelopen jaren regelingen ontwikkeld, waardoor kinderen mee konden blijven doen. Dit amendement regelt, dat kinderen in kansarme gezinnen deze kansen blijven krijgen om te kunnen participeren. In het geval van opgroeiende kinderen wordt in dit amendement geregeld, dat de inkomensgrens van 110% Sociaal Minimum voor deze gezinnen niet geldt. Gemeentes blijven in deze gevallen de bevoegdheid houden om generieke participatiebevorderende maatregelen, dat kan in de vorm van inkomensondersteunende regelingen bv. stadspassen, voor kinderen uit te kunnen blijven voeren. We moeten ervoor zorgen dat kinderen niet over het randje worden geduwd en opgroeien in diepe armoede met het bijbehorende gebrek aan kansen.

Hamer