33 129 Wijziging van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek en de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte (huurverhoging op grond van inkomen)

Nr. 42 GEWIJZIGD AMENDEMENT VAN HET LID VOORTMAN TER VERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 10

Ontvangen 10 april 2012

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

In artikel I, onderdeel C, wordt in artikel 252a, tweede lid, onderdeel b, de zinsnede «van een woonruimte, met dien verstande dat van een overige bewoner die op 1 januari van het jaar waarin de voorgestelde dag van ingang van de voorgestelde huurprijs is gelegen de leeftijd van 23 jaar nog niet heeft bereikt het bedrag van het inkomensgegeven slechts in aanmerking wordt genomen voor zover dat meer bedraagt dan de vrije voet, bedoeld in artikel 3.17 van de Wet studiefinanciering 2000, als geldend in het peiljaar» vervangen door: van een woonruimte, met dien verstande dat het inkomensgegeven van een inwonend kind buiten aanmerking blijft. Onder kind wordt verstaan: een bloed- of aanverwant in de neergaande lijn of pleegkind van de huurder of overige bewoners.

II

In artikel II, onderdeel C, artikel 10, tweede lid, eerste volzin, wordt na «overige bewoners» ingevoegd: , met dien verstande dat het inkomensgegeven van een inwonend kind buiten aanmerking blijft, waarbij onder kind wordt verstaan: een bloed- of aanverwant in de neergaande lijn of pleegkind van de huurder of overige bewoners.

III

Artikel IIa vervalt.

Toelichting

Dit amendement regelt dat inwonende kinderen of pleegkinderen van de huurder of overige bewoners van de woonruimte niet worden meegerekend bij het berekenen van het huishoudinkomen.

Voortman

Naar boven