Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:
1
De artikelen II en III vervallen.
2
Artikel Va wordt als volgt gewijzigd:
1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.
2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:
2. Indien het bij koninklijke boodschap van 13 juli 2010 ingediende voorstel van wet
tot wijziging van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek en enige andere wetten in verband
met de vereenvoudiging van en de invoering van een elektronische dienstverlening bij
de burgerlijke stand (32 444) tot wet is of wordt verheven en artikel I, onderdeel D, van die wet, later in werking
is getreden of treedt dan artikel I, onderdeel D of onderdelen daarvan, van deze wet,
wordt artikel I, onderdeel D, van die wet als volgt gewijzigd:
1. In het eerste en vijfde lid wordt na «de moeder» telkens ingevoegd: uit wie het
kind is geboren.
2. Het derde lid komt te luiden: In het tweede lid wordt «van het kind» vervangen
door «uit wie het kind is geboren», in het tweede en derde lid wordt na «aangifte»
ingevoegd «in persoon» en in het vijfde lid wordt «derde» vervangen door: vierde.
3. Het zesde lid komt te luiden:
6. In het twaalfde lid wordt «achtste» vervangen door «elfde» en wordt na «de moeder»
ingevoegd: uit wie het kind is geboren.
4. Na het zesde lid wordt een nieuw lid ingevoegd luidend:
7. Na het twaalfde lid worden twee nieuwe leden ingevoegd, luidende:
13. In het derde en vierde lid wordt met «de vader» gelijkgesteld de moeder die niet
de vrouw is uit wie het kind is geboren.
14. Voor de elektronische aangifte, geregeld in het eerste en tiende lid, wordt met
«de vader» gelijkgesteld de moeder die niet de vrouw is uit wie het kind is geboren.
3
Na artikel IV wordt een nieuw artikel ingevoegd, luidend:
ARTIKEL IVa
De Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens wordt als volgt gewijzigd:
A
De laatste zin van artikel 25 komt te luiden:
De inschrijving geschiedt in de basisadministratie waar de moeder uit wie het kind
is geboren als ingezetene is ingeschreven, dan wel in de basisadministratie waar de
andere ouder als ingezetene is ingeschreven, indien de moeder uit wie het kind is
geboren niet als ingezetene is ingeschreven.
B
Artikel 45 komt te luiden:
Artikel 45
Bij de inschrijving op grond van artikel 25 worden de gegevens omtrent het adres ontleend
aan de persoonslijst van de moeder uit wie het kind is geboren, dan wel, indien deze
niet als ingezetene is ingeschreven, aan de persoonslijst van de andere ouder.
Toelichting
Wijziging onder 1
De artikelen II en III van dit wetsvoorstel strekten tot wijziging van de Wet conflictenrecht
afstamming en de Wet conflictenrecht namen. Per 1 januari 2012 is Boek 10 van het
Burgerlijk Wetboek in werking getreden en zijn deze wetten ingetrokken. De artikelen
II en III kunnen daarom vervallen. Gelet op artikel 250 van de Aanwijzingen voor de
regelgeving wordt niet voorzien in een vernummering van het wetsvoorstel.
Wijziging onder 2
Bij eerste nota van wijziging is voorzien in een samenloopbepaling in verband met
het wetsvoorstel tot wijziging van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek en enige andere
wetten in verband met de vereenvoudiging van en de invoering van een elektronische
dienstverlening bij de burgerlijke stand (Kamerstukken I, 2011/2012, 32 444, A). In voorstel 32 444 wordt onder meer de elektronische geboorteaangifte geregeld. In deze eerste nota
is voorzien in de situatie dat 32 444 eerder in werking treedt dan het onderhavige voorstel 33 032. Abusievelijk is niet voorzien in de spiegelbeeldige situatie dat wetsvoorstel 33 032 eerder in werking treedt dan wetsvoorstel 32 444. In deze nota gebeurt dit alsnog.
Wijziging onder 3
De Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (Wet GBA) regelt onder meer
in de basisadministratie van welke gemeente en op welk adres een pas geboren kind
wordt ingeschreven. Deze regeling wordt in deze nota van wijziging aangepast in verband
met het kind dat vanaf zijn geboorte twee juridische moeders heeft. Aangesloten wordt
bij de huidige regeling betreffende de inschrijving van een kind dat vanaf zijn geboorte
een juridische moeder en vader heeft. Voor de toepassing van de artikelen 25 en 45
van de Wet GBA zal worden uitgegaan van inschrijving op het adres van de moeder uit
wie het kind is geboren, in de basisadministratie van gemeente waar zij als ingezetene
is ingeschreven. Is de moeder uit wie het kind is geboren niet als ingezetene ingeschreven,
dan wordt het kind ingeschreven op het adres van de andere ouder – vader of duomoeder
– in de basisadministratie van de gemeente waar hij of zij is ingeschreven.
De minister van Veiligheid en Justitie,
I. W. Opstelten