Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201233000-VI nr. 7

33 000 VI Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Veiligheid en Justitie (VI) voor het jaar 2012

Nr. 7 MOTIE VAN HET LID KOOIMAN C.S.

Voorgesteld 29 september 2011

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende, dat het Centraal Orgaan Verklaring Omtrent het Gedrag (COVOG) bij de beoordeling van aanvragen advies kan vragen aan de betrokken medewerker van de jeugdreclassering, maar daartoe niet verplicht is;

van mening, dat de jeugdreclasseerders bij uitstek inzicht hebben in de persoon van de veroordeelde, de ontwikkeling die de jongere doormaakt of heeft doorgemaakt en het recidiverisico;

verzoekt de regering ervoor te zorgen dat het Centraal Orgaan Verklaring Omtrent het Gedrag bij een aanvraag voor een verklaring omtrent het gedrag advies vraagt aan de betrokken hulpverlener, zoals de jeugdreclasseerder, als er strafbare feiten zijn gepleegd op minderjarige leeftijd,

en gaat over tot de orde van de dag.

Kooiman

Van Toorenburg

Recourt

Dibi