Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 29 mei 2015
De Kamer heeft in een ordedebat op 23 april (Handelingen II 2014/15, nr. 80, item 6) verzocht om een brief met een uitleg over hoe de uitgelekte plannen van de NPO zich
verhouden tot het wetsvoorstel tot wijziging van de Mediawet dat in voorbereiding
is. In deze brief licht ik dat toe.
Op 23 april verschenen er berichten in diverse kranten over de inhoud van het Concessiebeleidsplan
2016–2020 (hierna: CBP) van de NPO. Dit was aanleiding voor uw vraag over de verhouding
van deze plannen tot het wetsvoorstel tot wijziging van de Mediawet dat in voorbereiding
is.
Ik beschrijf in deze brief eerst in algemene zin de functie van het CBP, alvorens
in te gaan op de verhouding van het CBP tot mijn voorstel tot wijziging van de Mediawet.
Ten slotte informeer ik u over het verdere proces de komende maanden in relatie tot
het CBP en het wetsvoorstel.
Concessiebeleidsplan 2016–2020
Het is de taak van de NPO om als coördinerend orgaan voor de landelijke publieke omroep
een concessiebeleidsplan op te stellen. Het CBP bevat een beschrijving van de wijze
waarop de publieke omroep in de komende vijf jaar zijn publieke mediaopdracht uitvoert.
Het CBP bevat ook een beschrijving van het aantal aanbodkanalen en de aard hiervan.
Daarnaast bevat het CBP een beschrijving van de samenwerking met regionale en lokale
omroepen en met andere partijen zoals het Nationaal Instituut Beeld en Geluid (NIBG),
Stichting Omroep Muziek (SOM) en de Ster.
De raad van bestuur van de NPO stelt het CBP vast na overleg met in elk geval de landelijke
publieke media-instellingen en, voor zover het de samenwerking betreft, de betrokken
regionale en lokale publieke media-instellingen. De NPO vraagt daarnaast het College
van Omroepen (CvO) om hun zienswijze te geven over het CBP. Het CvO publiceerde op
15 mei 2015 deze zienswijze op het CBP. De NPO gaat daarover in gesprek met het CvO.
De raad van toezicht van de NPO keurt het CBP uiteindelijk goed.
De voorbereidingen op het CBP zijn al enige tijd bezig. In aanloop naar de kabinetsbrief
over de toekomst van het publieke mediabestel van 13 oktober 2014 (Kamerstuk 32 827, nr. 67) schreven de omroepen en NPO gezamenlijk op 3 juni 2014 een brief aan uw Kamer. Op
13 januari 2015 verleende ik erkenningen aan de omroeporganisaties. Op 6 maart stuurde
ik de NPO een brief waarin ik hen verzoek om de uitwerking van het CBP rekening te
houden met mijn toekomstvisie van 13 oktober.1 Er vonden de afgelopen maanden tevens diverse strategiesessies van de omroeporganisaties
plaats met de raad van bestuur van de NPO. Er zijn onderzoeken gedaan, evaluaties
uitgevoerd en veel gesprekken gevoerd.
Nu is het moment voor de NPO om keuzes te maken en het CBP te finaliseren. Op 15 juni
2015 maakt de NPO het definitieve CBP openbaar. Op basis van het definitieve plan
doe ik inhoudelijk uitspraken over het CBP. Zoals gezegd betrekt de NPO bij de totstandkoming
van het CBP de omroeporganisaties, maar uiteindelijk stelt de raad van bestuur van
de NPO om het CBP vast en keurt de raad van toezicht van de NPO om het CBP goed.
Verhouding CBP & wetsvoorstel tot wijziging Mediawet
U heeft mij gevraagd te duiden hoe de plannen die zijn uitgelekt zich verhouden tot
het wetsvoorstel. Zoals gezegd kan ik dat alleen in procedurele zin doen. Immers,
het CBP is nog niet definitief vastgesteld en gepresenteerd en de plannen van de NPO
zijn daarmee nog niet in samenhang bekend. Ik vind dat wel van belang om ze op hun
merites te kunnen beoordelen.
Zoals ik hierboven heb geschetst betrekt de NPO de omroeporganisaties bij de totstandkoming
van het CBP. Tegelijkertijd is het aan het eind van de dag de verantwoordelijkheid
van de raad van bestuur van de NPO om het CBP vast te stellen en aan de raad van toezicht
van de NPO om het goed te keuren. De verantwoordelijkheid om keuzes te maken in het
algemeen belang van de landelijke publieke omroep ligt bij de raad van bestuur van
de NPO.
Proces komende maanden
Hoe gaat het proces verder? De NPO maakt het CBP uiterlijk op 15 juni 2015 openbaar.
Daarna zal ik het CBP direct ter kennisneming aan uw Kamer sturen. Tegelijkertijd
vraag ik advies over het CBP aan de Raad voor Cultuur en aan het Commissariaat voor
de Media. De adviezen gebruik ik bij mijn reactie op het CBP en in de goedkeuringsprocedure
voor de nieuwe aanbodkanalen. Op basis van het CBP sluit ik daarna met de NPO een
prestatieovereenkomst voor de komende concessietermijn 2016–2020.
Parallel hieraan werk ik aan een wetsvoorstel ter uitwerking van een groot aantal
maatregelen die ik presenteerde in mijn toekomstvisie van 13 oktober 2014. De planning
is dat u dit wetsvoorstel voor het zomerreces ontvangt. Op het moment dat het wetsvoorstel
in uw Kamer in behandeling is, is ook het CBP openbaar. Dan kunt u zowel het CBP als
het wetsvoorstel in samenhang beoordelen.
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
S. Dekker