Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-201732793 nr. 272

32 793 Preventief gezondheidsbeleid

Nr. 272 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 22 juni 2017

Op 22 juni 2017 is het rapport «Vaccinatiegraad en jaarverslag Rijksvaccinatieprogramma Nederland 2016»1verschenen.

Het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) bestaat sinds 1957 en is onderdeel van de infectieziektebestrijding in Nederland. Het is een belangrijk, succesvol preventieprogramma gericht op kinderen. De vaccinaties in het RVP hebben tot doel om de gevaccineerde zelf en de gehele bevolking te beschermen tegen verschillende (zeer) ernstige infectieziekten. Voor het laatste is een voldoende hoge vaccinatiegraad, dat wil zeggen het percentage zuigelingen, kleuters en schoolkinderen dat de vaccinaties uit het RVP krijgt, een noodzaak.

Uit het rapport blijkt dat de vaccinatiegraad voor het derde opeenvolgende jaar licht2 is gedaald. De deelname aan de HPV-vaccinatie tegen baarmoederhalskanker is voor het eerst afgenomen, van 61 naar 53 procent. Internationaal gezien is de vaccinatiegraad voor het RVP in Nederland nog steeds hoog. De landelijk gemiddelde vaccinatiepercentages liggen voor alle vaccinaties (HPV uitgezonderd) ruim boven de 90%.

Een verklaring voor de daling van de vaccinatiegraad in Nederland is er op dit moment niet. Ik vind het in ieder geval van groot belang dat de vaccinaties en de informatie daarover voor iedereen laagdrempelig beschikbaar zijn. Ik heb het RIVM gevraagd nog dit jaar onderzoek te doen naar mogelijk belemmerende factoren in de toegankelijkheid van de jeugdgezondheidszorg. Ook wordt de informatie over het RVP op www.rijksvaccinatieprogramma.nl geactualiseerd en gemoderniseerd.

Om de professionals te ondersteunen bij het voeren van het gesprek over vaccinaties is er vanaf 1 januari 2018 in de contactmomenten van de jeugdgezondheidszorg meer ruimte om voorlichting te geven over het RVP en/of het gesprek te voeren over vaccinaties en daarbij ook in te gaan op de twijfels die er bij sommigen leven.

Daarnaast zal in juni 2017 de e-learning module «Achtergronden van het Rijksvaccinatieprogramma» online gaan. De e-learning is een verdiepende scholing specifiek bedoeld voor jeugdartsen, jeugdverpleegkundigen en andere zorgprofessionals die te maken hebben met het RVP.

Om zicht te krijgen op de oorzaken van de daling van de vaccinatiegraad zal nader onderzoek worden gedaan. Het gaat hierbij gaan om het in kaart brengen van mogelijke oorzaken op sociaal maatschappelijk terrein. Vragen als «hangt de daling van de vaccinatiegraad samen met bepaalde maatschappelijke trends?» en «wat zijn de heersende opvattingen als het gaat om vaccinaties?» komen hierbij aan de orde. Ook zal ik vragen wat de beste manier is om ongefundeerde angst voor vaccinaties en vermeende bijwerkingen weg te nemen en hoe de kennis hierover kan toenemen onder de bevolking. Een commissie van sociaal wetenschappers zal gevraagd worden advies uit te brengen over de wijze waarop dit soort vraagstukken het beste kunnen worden aangepakt. Dit advies wordt in december van dit jaar verwacht.

In veel andere Europese landen wordt ook een dalende vaccinatiegraad gezien. Binnen de context van de Europese Unie worden bijeenkomsten georganiseerd om informatie uit te wisselen en best practises te delen. Zo stonden de uitkomsten van een workshop van 31 mei jl. over «Seeking new partnership for EU action on vaccination» georganiseerd door de Europese Commissie op de agenda van de EU Gezondheidsraad van 16 juni 2017. Omdat infectieziektenuitbraken geen rekening houden met grenzen onderschrijf ik het belang van deze Europese uitwisseling.

Het RIVM monitort de ontwikkeling van de vaccinatiegraad blijvend. Zij volgen ook de ontwikkelingen in het buitenland.

Voor het succes van het RVP is het noodzakelijk om het brede draagvlak onder ouders en professionals te behouden, daarbij is het noodzakelijk om voortdurend te blijven investeren in het programma en de communicatie met professionals en het publiek.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.I. Schippers


X Noot
2

Minder dan 1 procent per jaar