32 735 Mensenrechten in het buitenlands beleid

Nr. 432 MOTIE VAN HET LID VAN DER WERF C.S.

Voorgesteld tijdens het notaoverleg van 5 oktober 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Chinese wet ter bevordering van etnische eenheid en vooruitgang sinds 1 juli 2026 van kracht is en expliciet voorziet in de mogelijkheid om ook personen en organisaties buiten China juridisch aansprakelijk te stellen voor het vermeend ondermijnen van de Chinese etnische eenheid;

overwegende dat deze wet daarom niet alleen betrekking heeft op personen in China, maar ook vergaande gevolgen kan hebben voor Chinezen, Oeigoeren, Tibetanen en andere groepen in Nederland;

overwegende dat maatschappelijke organisaties en vertegenwoordigers van betrokken gemeenschappen waarschuwen dat daarmee de veiligheid en vrijheid van personen in Nederland in het geding kunnen komen, en dat de wet vragen oproept over de Nederlandse nationale veiligheid en mogelijke buitenlandse inmenging;

verzoekt de regering de gevolgen van deze wet voor Nederland en voor in Nederland wonende Chinezen en andere gemeenschappen in kaart te brengen, een plan van aanpak op te stellen voor de bescherming van personen in Nederland en het waarborgen van dẹ nationale veiligheid, en de Kamer hierover te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van der Werf

Van Lanschot

Rajkowski

Piri

Naar boven