Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201132735 nr. 25

32 735 Mensenrechten in het buitenlands beleid

Nr. 25 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 28 juni 2011

Zoals uw Kamer toegezegd tijdens het Algemeen Overleg Mensenrechten op 14 juni jl., stuur ik u onderstaand de antwoorden, waarvoor tijdens het Overleg geen tijd meer was.

Internetvrijheid

Nederland wil meer aandacht besteden aan internetvrijheid in China, maar eenvoudig is dat niet. Een bijeenkomst over blogging in Shanghai, die Nederland in samenwerking met de Foreign Correspondents Club China (FCCC) en marge van de Wereldexpo wilde organiseren, werd onder druk van de autoriteiten afgeblazen. Wel lukt het de Nederlandse ambassade in Beijing om – met het oog op de bredere thema’s vrijheid van meningsuiting en persvrijheid – steun te verlenen aan de organisatie van reguliere bijeenkomsten van de FCCC.

Vrijheid van godsdienst en levensbeschouwing

Gezien de zich verslechterende positie van religieuze minderheden in Eritrea, hecht de Regering – ondanks het sluiten van de ambassade te Asmara – aan voortzetting van het beleid ten aanzien van de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging in dat land. De pilot moet nog worden geëvalueerd maar ik voorzie dat vanuit Den Haag en vanuit de Nederlandse ambassade die geaccrediteerd zal zijn in Eritrea, projecten in het kader van de pilot godsdienstvrijheid zullen worden voortgezet.

Het belang van het waarborgen van veiligheid en respect voor de mensenrechten van christenen en andere religieuze minderheden in Irak, wordt zowel bilateraal als in EU-verband onder de aandacht van de Iraakse autoriteiten gebracht. Het onderwerp werd op 10 december jl. door de EU-ambassadeurs in Bagdad aan de orde gesteld in een gesprek met de Iraakse minister van Buitenlandse Zaken Zebari, en op 17 januari jl. tijdens een gesprek van de EU-ambassadeurs met de Iraakse president Talabani en premier Maliki.

Naar aanleiding van een vraag over samenwerking met «islamitische landen» en islamitische actoren, benadruk ik dat het buitenlands beleid van Nederland – inclusief het mensenrechtenbeleid – religieneutraal is. Bij het samenwerken met en het aanspreken van landen, wordt gekeken naar beleid en beleidsintenties, niet naar religieuze, culturele of andere vormen van identiteit. Bij de keuze van actoren met wie wordt samengewerkt en/of die worden ondersteund, wordt met name gekeken naar de meerwaarde voor het Nederlandse beleid. Geen actor wordt bij voorbaat uitgesloten op grond van zijn of haar religieuze, culturele, sociaal-economische of andere identiteit.

Minderheden

Nederland droeg in 2009 en 2010 in totaal 45 000 euro bij aan een project waarmee Dalits in een groot aantal dorpen in arme deelstaten vertrouwd worden gemaakt met de Indiase wet, waarin het recht op informatie is vastgelegd. Ook op VN-niveau wordt door de EU getracht om het lot van de dalits aan de orde te stellen. Denemarken neemt op dit onderwerp binnen de EU een leidende positie in.

Tegen ernstige mensenrechtenschendingen, ook tegen Roma, zal Nederland zich altijd uitspreken. Echter, in het kader van selectiviteit en – als afgeleide daarvan – effectiviteit, zal Nederland reguliere activiteiten op gebied van de mensenrechtensituatie van Roma meer overlaten aan EU-partners en de EU als geheel. Op 19 mei jl. is – uiteraard met instemming van Nederland – besloten tot het opzetten van een EU-raamwerk voor nationale Roma-strategieën.

Vrouwenrechten

Gedwongen abortussen zijn te allen tijde verwerpelijk, ook in China. Bij gepaste gelegenheid zal Nederland deze zaak bij de Chinese autoriteiten onder de aandacht brengen. De EU heeft begin dit jaar bij de Chinese autoriteiten de zaak van een mensenrechtenverdediger opgebracht die protesteerde tegen gedwongen abortussen en sterilisaties en zal daarvoor binnenkort wederom aandacht vragen.

Mensenrechten en handel/kinderarbeid

De NAVO zoekt actief steun van organisaties in het VN-systeem zoals ILO, UNDP en UNHCR. Met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid kan worden aangegeven dat directe contractanten van de NAVO geen kinderen of slaven in dienst hebben. Harde garanties zijn gezien de veiligheidssituatie en de daardoor beschikbare mogelijkheden tot controle echter niet te geven (zie Kamerbrief 2011Z05851).

Een totaaloverzicht van de impact van het Nederlandse bedrijfsleven op de mensenrechtensituatie wereldwijd is niet te geven. De overheid beschikt over een overzicht waarin een beperkt aantal vermeende mensenrechtenschendingen door Nederlandse bedrijven wordt vermeld. De regering steunt het raamwerk van de Speciale VN-vertegenwoordiger inzake Mensenrechten en Handel en zal samen met het bedrijfsleven een reeks bijeenkomsten organiseren over de toepassing van het «Ruggie-raamwerk» om te verhelderen wat de door Ruggie beschreven verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven om mensenrechten te respecteren precies inhoudt.

ICC

Nederland onderschrijft het belang van goede relaties tussen het ICC en regionale organisaties. Ik ben bekend met de samenwerking tussen de School of Human Rights Research en Rhodes University die aandacht schenken aan de relatie tussen het ICC en de Afrikaanse Unie. Indien beide instituten een projectvoorstel zouden indienen in het kader van het Mensenrechtenfonds, zou ik die op hun merites beoordelen.

ICCT

Het ministerie van Buitenlandse Zaken financiert het International Centre for Counter-Terrorism (ICCT) tot 2015 met een jaarlijkse bijdrage van 500 000 euro. De regering verwacht dat het instituut nuttige bijdragen zal leveren aan de preventie van terrorisme en aan de verdere ontwikkeling van internationale rechtsnormen voor terrorismebestrijding. Het onafhankelijke ICCT moet in de komende jaren eigen financiering generen om uiterlijk na 5 jaar op eigen benen te kunnen staan.

Ontwikkelingssamenwerking

De naleving van mensenrechten, dan wel mogelijkheden om deze te bevorderen is – naast goed bestuur, democratisering en corruptiebestrijding – reeds een belangrijke voorwaarde bij de selectie van landen voor begrotingssteun. Begrotingssteun wordt niet gegeven wanneer sprake is van corruptie, schending van mensenrechten (inclusief de vrijheid van godsdienst en levensbeschouwing) of onvoldoende good governance.

Mensenrechtenfonds

Uit het Mensenrechtenfonds worden dit jaar voor 35,8 miljoen euro aan mensenrechtenprojecten gefinancierd. Dit bedrag zal gradueel worden teruggebracht tot 32,1 miljoen euro in 2014. De korting op het Fonds is daarmee in verhouding met overige bezuinigingen op prioritaire onderwerpen. Voor de inzet van het fonds wordt er gekeken naar landen waar een zo groot mogelijke impact behaald kan worden met een focus op thema’s die aansluiten bij de Regeringsnotitie «Verantwoordelijk voor Vrijheid».

OVSE/Raad van Europa

Relevante resoluties en andere documenten van de OVSE en de Raad van Europa zijn verkrijgbaar via de respectieve websites van deze organisaties. Uiteraard ben ik te allen tijde bereid uw Kamer desgevraagd een specifieke toelichting te geven op de positie van Nederland ten aanzien van specifieke agendapunten in genoemde fora.

De minister van Buitenlandse Zaken,

U. Rosenthal