32 735 Mensenrechten in het buitenlands beleid

Nr. 173 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 25 oktober 2017

Met verwijzing naar het verzoek van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken van 20 oktober 2017 bied ik u hierbij, mede namens de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, een brief aan over de recente ontwikkelingen in Myanmar en de Rohingya in het bijzonder. Deze brief is in aanvulling op de Kamerbrief van 8 september 2017 (Kamerstuk 32 735, nr. 172) en de antwoorden op Kamervragen van het lid Kuzu (DENK) die u op 27 september 2017 (Aanhangsel Handelingen II 2017/18, nr. 61) toegingen.

Recente ontwikkelingen

De situatie in Rakhine State is nog altijd dramatisch en de diepe humanitaire crisis heeft geleid tot een aanhoudende stroom vluchtelingen. Sinds 25 augustus zijn er volgens de VN inmiddels ruim 600.000 Rohingya naar Bangladesh gevlucht vanuit Rakhine State. Dit aantal komt bovenop het grote aantal vluchtelingen dat al langere tijd in Bangladesh verblijft waardoor het totaal volgens de VN op meer dan 800.000 vluchtelingen komt.

De spanning tussen de verschillende etnische groepen, ook in Centraal Rakhine, blijft onverminderd groot. Door geweld, angst, het gebrek aan toekomstperspectief en aan basisvoorzieningen gaat de uitstroom van Rohingya nog steeds door. De vluchtelingen komen nu ook van verder gelegen locaties uit Centraal Rakhine. Volgens VN-schatting zijn er nog minimaal 50.000 Rohingya onderweg naar Bangladesh.

Het Internationale Rode Kruis (ICRC) geeft aan dat de hulpverlening nog altijd bijzonder moeizaam verloopt. De lokale boeddhistische (Rakhine-) leiders stellen zich bovendien vijandig en oncoöperatief op, ook ten opzichte van het Rode Kruis. Lokale transportbedrijven zijn lange tijd niet bereid geweest om hulpgoederen te vervoeren. Deze situatie verbetert nu licht, maar het blijft een vertragende factor in de hulpverlening.

Het onvolledige beeld van de vele noden in het gebied hangt mede samen met het gebrek aan toegang van media en VN-hulporganisaties in met name het noorden van Rakhine State. Op basis van interviews van VN-medewerkers met vluchtelingen in Cox’s Bazar in Bangladesh zijn er sterke aanwijzingen dat het Myanmarese leger, samen met boeddhistische extremistische burgermilities uit Rakhine, op systematische wijze mensenrechtenschendingen heeft gepleegd waaronder executies, marteling en seksueel geweld.

Uit de interviews met vluchtelingen komt nog sterker het beeld naar voren dat ook in de periode voor de aanvallen van de Arakan Rohingya Salvation Army (ARSA) op 25 augustus jl. het Myanmarese leger de bewegingsvrijheid van Rohingya verder had ingeperkt en in toenemende mate angst zaaide onder de Rohingya-bevolking. De onafhankelijke Fact Finding Mission, die is ingesteld door de VN Mensenrechtenraad brengt momenteel een bezoek aan Cox’s Bazar om verder onderzoek te doen naar mensenrechtenschendingen en te spreken met vluchtelingen uit Rakhine State.

Ondanks de inspanningen van de autoriteiten zijn de omstandigheden van de Rohingya vluchtelingen in Bangladesh slecht. Volgens UNHCR heeft een aanzienlijk aantal vluchtelingen mes- en schotwonden en kampen zij met ondervoeding en infecties. De geïmproviseerde kampen zijn overvol. Er is nog steeds een tekort aan hulpgoederen waardoor basisvoorzieningen als sanitaire voorzieningen, water en gezondheidszorg voor de meerderheid van de vluchtelingen onvoldoende beschikbaar zijn. Criminaliteit en seksueel geweld nemen in de kampen toe. Daarnaast maken de Bangladeshi autoriteiten zich grote zorgen over het gevaar van radicalisering binnen de zeer kwetsbare Rohingya gemeenschap.

Nederlandse en EU inzet

Het is duidelijk dat sprake is van een humanitaire crisis van ongekende proporties, waarbij de hoofdschuldige het Myanmarese leger is, in samenhang met de zeer sterke negatieve sentimenten die in Myanmar bestaan tegen de Rohingya. Het kabinet veroordeelt ten sterkste het geweld dat gebruikt wordt tegen de moslimbevolking van Rakhine State, waarbij nagenoeg een gehele bevolkingsgroep uit Myanmar is verdreven. Het kabinet is en blijft uitgesproken kritisch op de mensenrechtenschendingen die mede onder verantwoordelijkheid van de civiele regering plaatsvinden en spreekt deze aan op de noodzaak voor medewerking aan vrijwillige en veilige terugkeer.

Het blijft essentieel om druk te houden op Myanmar om directe voortgang te laten zien op de volgende punten: opschorting van de militaire operaties in Rakhine, verlenen van humanitaire toegang (ICRC en de VN), veilige en vrijwillige terugkeer van vluchtelingen, implementatie van de aanbevelingen van de Adviescommissie van Annan en toegang voor de Fact Finding Mission van de VN Mensenrechtenraad. Hierover onderhoud ik dagelijks nauw contact met internationale spelers zoals de VN, ICRC en UNHCR en de Indonesische Minister van Buitenlandse Zaken, Retno Marsudi.

Tijdens de 36e Mensenrechtenraad heeft Nederland zich nationaal scherp uitgesproken en daarnaast heeft Nederland zich in EU verband ingezet voor een besluit ter verlenging van het mandaat van de Fact Finding Mission. Dat besluit is aangenomen waardoor de missie nu gedegen onderzoek kan doen.

Op 25 oktober zal Nederland zich in de 3e commissie van de AVVN bilateraal nogmaals uitspreken over de mensenrechtensituatie in Myanmar. Inzet van de EU is om in een resolutie Myanmar op te roepen om het geweld te staken, humanitaire toegang te verlenen tot kwetsbare groepen in Rakhine State, daders van mensenrechtenschendingen te berechten en een veilige terugkeer van vluchtelingen te faciliteren.

Verder heeft Nederland zich in aanloop naar de EU Raad Buitenlandse Zaken van 16 oktober ingezet voor een eenduidige boodschap van de Raad richting Myanmar en voor gerichte maatregelen tegen Myanmarese militairen. Dit heeft mede geleid tot een EU-verklaring waarin het Myanmarese leger wordt opgeroepen het geweld te stoppen, hulpverleners toe te laten, een veilige terugkeer van vluchtelingen mogelijk te maken, straffeloosheid tegen te gaan en de onafhankelijke Fact Finding Mission van de VN Mensenrechtenraad toegang te verlenen. Mede op initiatief van Nederland zijn ook Raadsconclusies aangenomen over het opschorten van uitnodigingen aan hoge Myanmarese militairen en worden militaire contacten beperkt. Ook zal de EU het wapenembargo handhaven en is besloten dat verdere maatregelen worden overwogen als de situatie niet verbetert. Daarnaast heb ik in de Raad bepleit dat de EU zich in VN-verband zou moeten inzetten voor een internationaal wapenembargo, in lijn met de motie Kuzu (Kamerstuk 22 054, nr. 290). Ook is in New York actief contact gezocht met Veiligheidsraadleden om hiervoor per direct te pleiten.

Humanitaire hulpverlening

Nederland draagt in totaal 6 miljoen euro bij voor noodhulp:

0,5 miljoen via het Rode Kruis in Bangladesh

1 miljoen via het ICRC in Myanmar

1,5 miljoen via het Wereldvoedselprogramma in Bangladesh

3 miljoen via de Dutch Relief Alliance (DRA) in Bangladesh

In het kader van al langer lopende Nederlandse ondersteuning van UNFPA programma voor seksuele en reproductieve gezondheid in Bangladesh zal 400.000 euro worden gegeven op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid en opvang van slachtoffers van seksueel geweld in de streek waar de Rohingya zich bevinden.

Nederland is tevens een grote algemene donor van de humanitaire VN-organisaties en het Rode Kruis. Hierdoor hebben deze organisaties al vroegtijdig middelen beschikbaar waarmee zij snel en flexibel in kunnen springen op acute situaties zoals die in Myanmar en Bangladesh. Ook is Nederland een belangrijke donor van het ontwikkelingsfonds van de Wereldbank (IDA), die een speciaal financieringsloket voor landen die grote groepen vluchtelingen opvangen heeft opengesteld voor Bangladesh.

Tijdens de Pledging Conferentie voor de Rohingya crisis op maandag 23 oktober in Genève werd in totaal USD 345 miljoen toegezegd, vanuit 35 landen, de EU en het Central Emergency Response Fund. Daarin zijn alle bijdragen van na 25 augustus meegenomen, inclusief de bijdrage van Nederland. De EU zegde tijdens de conferentie een bijdrage toe van 30 miljoen euro voor de Rohingya vluchtelingen in Bangladesh. Dit bedrag komt bovenop een eerdere bijdrage van de EU van 21 miljoen euro aan Rohingya en lokale gemeenschappen in zowel Bangladesh als Myanmar. De totale bijdrage van de EU komt daarmee op 51 miljoen euro.

Reactie Myanmar

Aung San Suu Kyi heeft zich inmiddels in een aantal toespraken uitgelaten over de situatie in Rakhine State maar neemt tot de uitdrukkelijke teleurstelling van het kabinet wederom geen stelling tegen het disproportionele geweld van het leger. Zij benadrukte het belang van terugkeer en het implementeren van de aanbevelingen van de Adviescommissie van Annan maar zei niets over burgerschapsverificatie en rechten voor teruggekeerde Rohingya. De relatie tussen leger en civiele regering in Myanmar is nog altijd slecht. Het leger is weinig bereid grootschalige terugkeer toe te staan en lijkt de huidige veiligheidssituatie te gebruiken om hulp te vertragen en verdere uitstroom van Rohingya te bevorderen.

Reacties internationale gemeenschap

Nederland ondersteunt actief de acties van Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk binnen de VN Veiligheidsraad. Deze landen werken inmiddels aan een resolutie die zou moeten ingaan op de elementen die ook voor Nederland belangrijk zijn. China en Rusland benadrukken primair het belang van de strijd die gevoerd wordt tegen ARSA dat geweld pleegde tegen de autoriteiten.

Indonesië blijft zich actief inzetten voor de situatie van de Rohingya. Zo brengt president Widodo de crisis op in gesprekken met ambtgenoten in o.a. ASEAN-landen en Golfstaten. Ik heb mijn steun uitgesproken voor de Indonesische inspanningen voor de-escalatie in Rakhine State en de bemiddeling tussen Myanmar en Bangladesh en aangeboden om samen met Indonesië te werken aan de implementatie van de aanbevelingen van de Adviescommissie van Annan. Een publieke aanpak in ASEAN verband lijkt nog altijd lastig vanwege het non-interventie principe binnen ASEAN.

Het kabinet blijft zich in de komende periode in alle relevante fora en bij alle relevante gelegenheden krachtig inzetten om de humanitaire nood in deze crisis te helpen lenigen en bij te dragen aan het beëindigen van het geweld.

De Minister van Buitenlandse Zaken, A.G. Koenders

Naar boven