Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201132723 nr. 2

32 723 Wijziging van de Gerechtsdeurwaarderswet in verband met de verhoging van de leeftijd waarop gerechtsdeurwaarders van rechtswege ontslag wordt verleend

Nr. 2 VOORSTEL VAN WET

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om de leeftijd waarop gerechtsdeurwaarders van rechtswege ontslag wordt verleend te verhogen naar zeventig jaar;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I

De Gerechtsdeurwaarderswet wordt gewijzigd als volgt:

A

In artikel 23, tweede lid, onderdeel c, wordt «65 jaren» vervangen door: zeventig jaar.

B

In artikel 52, eerste lid, wordt «65-jarige leeftijd» vervangen door: leeftijd van zeventig jaar.

C

In artikel 92 wordt na «artikel 52, eerste lid,» ingevoegd: zoals dat luidde op het moment waarop het in werking trad,.

ARTIKEL II

Indien het bij koninklijke boodschap van 3 december 2009 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Wet op het notarisambt naar aanleiding van de evaluatie van die wet, alsmede regeling van enkele andere onderwerpen in die wet en wijziging van de Wet op het centraal testamentenregister en van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (32 250) tot wet is of wordt verheven, komt artikel II van die wet te luiden:

ARTIKEL II

In artikel 30 van de Gerechtsdeurwaarderswet vervalt het tweede lid alsmede de aanduiding «1.» voor het eerste lid.

ARTIKEL III

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,