Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201232645 nr. 36

32 645 Kernenergie

Nr. 36 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 6 maart 2012

In het kernenergiebeleid staat veiligheid voorop. Ik heb uw Kamer in dit verband toegezegd om alle lessen uit Japan in het nucleaire veiligheidsbeleid mee te nemen. Een onderdeel hiervan is de in EU-verband afgesproken aanvullende veiligheidsanalyse van kerncentrales, ook wel stresstest genoemd. Zoals ik eerder heb aangegeven, worden in Nederland ook de onderzoeksreactoren in Petten en Delft aan een dergelijke analyse onderworpen om ook bij de onderzoeksreactoren inzicht te krijgen in de bestaande veiligheidsmarges, en de mogelijkheden om deze verder te vergroten.

Conform de afgesproken planning heb ik op 29 februari jl. de stresstestrapporten van de Hoger Onderwijs Reactor te Delft en van de nucleaire installaties van de Onderzoekslocatie Petten ontvangen.1 Ik acht transparantie en communicatie rond de stresstest van groot belang en in lijn hiermee ontvangt u bij deze beide stresstestrapporten.

Het stresstestrapport van de Onderzoekslocatie Petten is opgesteld door de vergunninghouder Nuclear Research and consultancy Group (NRG). Dit rapport is in het Engels opgesteld. Binnenkort verwacht ik van NRG een Nederlandse samenvatting. Het stresstestrapport van de Hoger Onderwijs Reactor is door het Reactor Instituut Delft (RID) (van de Technische Universiteit Delft) opgesteld in het Nederlands.

Ik geef nu nog geen inhoudelijk eindoordeel over de twee rapporten. Ik neem de stresstest zeer serieus en wil dan ook dat experts de rapporten zorgvuldig bestuderen en mij hierover informeren in de komende periode. Mede op basis van deze adviezen zal ik mijn oordeel en bevindingen in een eindrapport opnemen. Medio mei 2012 zal ik aan u het eindrapport toezenden.

De minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, M. J. M. Verhagen


X Noot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer.