Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201932637 nr. 360

32 637 Bedrijfslevenbeleid

Nr. 360 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN KLIMAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 18 april 2019

In het AO van 1 november 2018 heb ik toegezegd uw Kamer te informeren over de evaluatie van de pilots met de MKB-toets in 2018 (Kamerstuk 32 637, nr. 341). Daarnaast heeft u mij gevraagd aan te geven hoe de MKB-toets rijksbreed zal worden uitgerold zodat alle relevante dossiers in de toekomst een MKB-toets ondergaan. In dit verband geef ik ook gehoor aan de motie van het lid Wörsdörfer c.s. (Kamerstuk 35 000 XIII, nr. 19) over het toepassen van het «pas toe of leg uit»-principe bij de uitvoering van de MKB-toets.

De MKB-toets is in de loop van 2017 ontwikkeld naar aanleiding van twee aangenomen moties tijdens de bespreking van de begroting van het Ministerie van Economische Zaken eind 2016, (motie van het lid Monasch c.s., Kamerstuk 34 550 XIII, nr. 31 en motie van het lid Graus, Kamerstuk 34 550 XIII, nr. 37), om het midden- en kleinbedrijf (MKB) beter te betrekken bij het tot stand komen van nieuwe wet- en regelgeving. Daarnaast is door uw Kamer een motie aangenomen die verzoekt om de MKB-toets ook te betrekken op nieuwe EU-regelgeving (motie van de leden Van der Staaij en Roemer, Kamerstuk 34 775, nr. 43). Bij brief van 14 februari 2017 (Kamerstukken 31 311 en 32 637, nr. 179) heeft het kabinet hier positief op gereageerd. Voorts is de MKB-toets in het huidige regeerakkoord opgenomen als voorbeeld van een nieuw instrument om de regeldruk voor het MKB te beperken.

Werkwijze pilot

In overleg met het georganiseerde bedrijfsleven is aan de MKB-toets in de pilot vorm gegeven door een panelgesprek met individuele MKB-ondernemers. Op die manier kan het beste inzicht worden verkregen in de werkbaarheid van regels in de dagelijkse praktijk. Tijdens een panelgesprek konden ondernemers op basis van hun praktijkervaring concreet aangeven in hoeverre het voornemen van departementen werkbaar en uitvoerbaar is, waar eventuele knelpunten zitten en hoe de regeldruk voor het MKB zoveel mogelijk beperkt of voorkomen kan worden.

Twee andere belangrijke uitgangspunten van de MKB-toets betreffen enerzijds de fase van het wetgevingstraject waarin het panelgesprek plaatsvindt en anderzijds de door het departement verwachte effecten van een dossier voor het MKB.

Het is de bedoeling om het MKB-panel vroegtijdig in de voorbereidingsfase van nieuwe wetgevingstrajecten te laten plaatsvinden, zodat het commentaar en de suggesties van ondernemers nog tot wezenlijke aanpassingen kunnen leiden en er ook geen overlap is met de internetconsultatie die later in het proces plaatsvindt. Daarnaast moet het gaan om dossiers die wezenlijke gevolgen kunnen hebben voor het MKB.

In de pilot hebben een zevental MKB-panels plaatsgevonden bij de Ministeries van Justitie en Veiligheid, Economische Zaken en Klimaat, Financiën, Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Sociale Zaken en Werkgelegenheid en Infrastructuur en Waterstaat. Van deze panelgesprekken zijn verslagen gemaakt die met de paneldeelnemers zijn afgestemd. Alle verslagen zijn vervolgens ter kennisneming gestuurd aan MKB-NL en ONL alsook aan het Adviescollege Toetsing Regeldruk (ATR). De uitkomsten van de MKB-toets zullen onder andere worden verwerkt in de Toelichting van de voorgenomen regeling.

Evaluatie

De pilot met de MKB-toetsen is onlangs geëvalueerd door onderzoeksbureau Decisio. De focus van de evaluatie lag op de toegevoegde waarde van de toets en op procesmatige aspecten zoals de rol en positie van de panelgesprekken in het gehele wetgevingsproces, de werkwijze van de MKB-toets en de manier waarop dossiers en ondernemers geselecteerd zijn. Juist op dat soort elementen is het relevant de pilot te beoordelen omdat daarvan geleerd kan worden bij de voortzetting van de MKB-toets. Veel van de panelgesprekken hebben recent plaatsgevonden. Over de doeltreffendheid van de MKB-toets (hebben de panelgesprekken daadwerkelijk invloed gehad in het wetgevingsproces en ervoor gezorgd dat nieuwe wet- en regelgeving werkbaar en uitvoerbaar is geworden?) kunnen in dit stadium daarom nog geen conclusies getrokken worden.

Als bijlage 1 is het onderzoeksrapport van Decisio bijgevoegd met conclusies en aanbevelingen1. De voornaamste conclusies in het rapport zijn dat MKB-ondernemers de mogelijkheid om op deze manier hun mening te geven over de voorgenomen wet- en regelgeving zeer waarderen en dat betrokken dossierhouders in het algemeen ook positief zijn over het directe contact met de kleine bedrijven. Hoewel de vraag of de toetsen tot wezenlijk betere regelgeving hebben geleid nog niet beantwoord wordt, kan wel gesteld worden dat de panelgesprekken in de meeste gevallen tot nieuwe inzichten hebben geleid die dossierhouders hebben meegenomen in de nadere invulling van betreffende wetten, AMvB’s of regelingen.

Hieronder zal ik achtereenvolgens ingaan op de conclusies van Decisio over de toegevoegde waarde van de MKB-toets, de geïnventariseerde knelpunten en tenslotte de aanbevelingen.

Toegevoegde waarde MKB-toets

De conclusies in het evaluatierapport zijn in het algemeen positief. Het nut van de MKB-toets wordt door alle betrokkenen onderschreven omdat met individuele MKB-ondernemers wordt gesproken en omdat die in een vroeg stadium van het wetgevingsproces plaatsvindt. Qua uitvoering en organisatie zijn de conclusies overwegend positief met enkele kanttekeningen. Dat neemt niet weg dat met enkele aanpassingen het instrument MKB-toets van toegevoegde waarde wordt geacht en brede toepassing mogelijk en wenselijk is. De meerwaarde van de toets ligt vooral in het commentaar en de suggesties van de ondernemers met betrekking tot aspecten als werkbaarheid, uitvoerbaarheid en regeldruk.

Aandachtspunten

In het rapport wordt ook een aantal aandachtspunten geformuleerd. Het gaat dan met name om de tijdige signalering van relevante dossiers binnen de departementen. Soms bleek de selectie van een wetgevingsdossier ten behoeve van een pilot moeizaam te verlopen bij departementen.

Een ander knelpunt betrof het proces waarmee in een relatief kort tijdsbestek voldoende geïnteresseerde MKB-ondernemers moeten worden gevonden ten behoeve van de panelgesprekken. In een enkel geval waren er in totaal te weinig paneldeelnemers aanwezig of zaten er te weinig kleine bedrijven aan tafel.

Hieronder wordt beschreven hoe deze aandachtspunten zullen worden opgelost.

Selectie van dossiers relevant voor een MKB-toets

Vanzelfsprekend worden wetgevingsdossiers met geen of nauwelijks regeldrukgevolgen voor het MKB buiten de MKB-toets gehouden. Daarom zijn enkele criteria opgesteld waardoor departementen beter in staat zijn om te bepalen wanneer de MKB-toets relevant is bij een nieuw wetgevingsdossier. Het gaat daarbij om bijvoorbeeld stelsel- en systeemwijzigingen, dan wel bij totaal nieuwe verplichtingen die veel MKB-bedrijven zullen raken of op een andere wijze hoge regeldruk (kunnen) veroorzaken.

Het vooraf inschatten van de (mogelijke) gevolgen voor het MKB is en blijft echter een subjectief oordeel. Daarom is afgesproken dat koepel- of brancheorganisaties en ATR hierover om advies kan worden gevraagd. EZK vervult hierbij een signalerende en ondersteunende rol.

In dit verband is de aangenomen motie van het lid Wörsdörfer (Kamerstuk 35 000 XIII, nr. 19) relevant, waarin het «pas toe of leg uit»-principe wordt vereist. Dat betekent dat departementen in het vervolg aan zet zijn om een MKB-toets – waar relevant – uit te voeren, en als deze niet wordt uitgevoerd een toelichting volgens genoemd principe op te nemen in de memorie van toelichting in de regeldrukparagraaf. Deze toelichting kan vermelden dat er geen regeldrukeffecten voor bedrijven te verwachten zijn, of dat de extra regeldruk te laag is en/of er geen sprake is van nieuwe verplichtingen. Bij zeer complexe en/of uitgebreide nieuwe wetten kan het bij uitzondering verstandig zijn om de MKB-toets alleen uit te voeren op de lagere wetgeving met uitvoeringsbepalingen, als zo de focus kan worden gelegd op de onderdelen die voor het MKB van belang zijn.

Verder kan een departement in specifieke situaties in overleg met mijn ministerie bepalen dat de MKB-toets op een andere wijze dan via het panelgesprek wordt uitgevoerd. Dit bijvoorbeeld in een situatie waarin het om sectorspecifieke wetgeving gaat en het departement over een alternatief beschikt voor de panelbijeenkomst, zoals een regulier overleg met daarin vertegenwoordigers uit de sector.

De MKB-toets zal vanaf 1 mei 2019 rijksbreed worden toegepast op nieuwe wetgevingsdossiers met substantiële regeldrukgevolgen voor het MKB. Het is een instrument waarvan het nut en toegevoegde waarde zijn gebleken. Dit neemt niet weg dat ook in de toekomst de toepassing van de MKB-toets het gevolg moet zijn van een goede afweging.

Tijdige selectie van relevante wetgevingsdossiers

Departementen zijn zelf verantwoordelijk om de selectie van relevante wetgevingsdossiers voor een MKB-toets structureel te borgen op een zodanige wijze dat dit tijdig gebeurt. Met tijdig wordt bedoeld dat de toets plaatsvindt in de initiële fase van het wetgevingsproces. Departementen zijn ook verantwoordelijk voor het bijhouden van een inventarisatie van nieuwe dossiers die zich in deze eerste fase van het wetgevingsproces bevinden.

Hierbij is het uitgangspunt dat de MKB-toets niet overlapt met de internetconsultatie die in een latere fase van het proces plaatsvindt. Mocht de internetconsultatie in twee stappen plaatsvinden, dan kan per geval worden bekeken of de MKB-toets vóór de eerste of de tweede fase wordt uitgevoerd. Mijn departement zal dit proces vanuit de overkoepelende verantwoordelijkheid voor het regeldrukbeleid ondersteunen en monitoren.

Tot die ondersteuning behoort behalve een vraagbaakfunctie voor vragen over het instrument MKB-toets ook een adviesrol als het gaat de inrichting van een procedure om tijdig relevante dossiers te selecteren. EZK zal verder een actieve communicatiecampagne opzetten om de bekendheid van de MKB-toets te vergroten en het nut daarvan bij departementen te benadrukken.

Verwerking van resultaten van de MKB-toets in de wet- en regelgeving of Toelichting

Het is de verantwoordelijkheid van een departement om te zorgen dat de conclusies uit een panelbijeenkomst meegenomen worden in het vervolg van het wetgevingsproces. Als aanbevelingen niet worden overgenomen, wordt dit op hoofdlijnen gemotiveerd in de regeldrukparagraaf van de memorie van toelichting.

De ATR kan, op basis van het verslag van de panelbijeenkomst, deze motivatie betrekken bij haar beoordeling van wetgevingsdossiers. Dit geldt ook voor de vraag of een MKB-toets toch niet opportuun is en wanneer de motivatie voor het niet uitvoeren van een MKB-toets onvoldoende is.

Het selecteren van MKB-bedrijven voor de panelbijeenkomsten

Het is de verantwoordelijkheid van de koepel- en brancheorganisaties om voor de MKB-deelnemers van de panels te zorgen. Gezien de problemen bij het vinden van voldoende MKB-ondernemers bij sommige panels, is inmiddels met de koepelorganisaties afgesproken hoe hier verbetering in kan worden aangebracht. Er wordt door de koepelorganisaties op korte termijn een database gecreëerd, zodat een snelle selectie mogelijk is van geschikte MKB-bedrijven die hebben aangegeven in principe mee te willen werken aan een MKB-panel. In deze database is ook een aantal kenmerken per bedrijf opgenomen, zoals grootteklasse, bedrijfsactiviteit conform de SBI-indeling en bedrijfslocatie, om daarmee nauwkeurig te kunnen selecteren en zodoende de juiste bedrijven te kunnen uitnodigen voor een panelbijeenkomst.

Aanbevelingen

In het evaluatierapport worden ook enkele aanbevelingen gedaan die niet op bovengenoemde knelpunten betrekking hebben. Zo wordt aanbevolen om bij de selectie van de MKB-paneldeelnemers rekening te houden met de omvang van de bedrijfsactiviteit en de positie van het bedrijf in een keten. Dit wordt voor een groot deel gerealiseerd door bovengenoemde database van geïnteresseerde MKB-bedrijven.

Twee andere aanbevelingen hebben betrekking op de vergaderlocatie en de duur van de panelbijeenkomst. Deze worden verwerkt in de handreiking voor de MKB-toets die voor departementen wordt opgesteld. In deze handreiking zijn de voorwaarden en te hanteren werkwijze voor het toepassen van het MKB-panel nader toegelicht zodat departementen deze binnen de eigen organisatie kunnen implementeren.

Tot slot wordt aanbevolen om te zorgen voor een goede terugkoppeling naar de paneldeelnemers, zowel procesmatig als inhoudelijk. Deze aanbeveling is opgenomen in de handreiking. Mijn ministerie zal een monitoringsfunctie vervullen als het gaat om de toepassing van het instrument MKB-toets.

Vervolg

Over twee jaar zal de evaluatie zoals onlangs uitgevoerd worden herhaald om te bezien of het beoogde doel wordt bereikt. Ik zal u daarnaast in de periodieke rapportages over de voortgang bij het beleid op het terrein van merkbare regeldrukvermindering en betere regelgeving op de hoogte houden over de toepassing van het instrument MKB-toets.

De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, M.C.G. Keijzer


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl.