Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-201832637 nr. 320

32 637 Bedrijfslevenbeleid

Nr. 320 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN KLIMAAT EN DE MINISTERS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP, VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID EN VOOR BASIS- EN VOORTGEZET ONDERWIJS EN MEDIA

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 18 juni 2018

Hierbij bieden wij u aan het Nationaal Techniekpact: Focus en versnellen met daarin de inzet 2018–2020, alsmede de highlights 2018 van de jaarlijkse Monitor Techniekpact en de rapportage Nationaal Techniekpact 2020: de tussenstand in 20181.

De afgelopen maanden hebben alle partners van het Techniekpact, vertegenwoordigd in de Landelijke Regiegroep Techniekpact, hun inzet voor de komende jaren bepaald op een aantal urgente thema’s. Thema’s waarop we met elkaar het verschil kunnen en moeten maken om de nijpende tekorten aan technici op de arbeidsmarkt aan te pakken. Met deze vernieuwde inzet voor het Techniekpact brengen we focus en richting aan, zodat we met een collectieve inspanning versneld resultaten kunnen boeken.

In de Monitor vindt u de landelijke facts & figures, met indicatoren op het terrein van (technisch) onderwijs en arbeidsmarkt2. De Voortgangsrapportage beschrijft de opbrengsten en voortgang op de lopende acties uit het Techniekpact, onderbouwd door de cijfers uit de monitor en praktijkvoorbeelden.

De Monitor en de Voortgangsrapportage laten zien dat de aanpak van het Techniekpact goede resultaten oplevert. De algehele trend is bemoedigend, maar ook blijkt dat inzet van het Techniekpact nodig blijft. Technologie is overal. Zowel in de persoonlijke levenssfeer als in de maatschappelijke omgeving heeft iedereen ermee te maken en het speelt dan ook een belangrijke rol in de Nederlandse economie. De vraag naar kennis over en vaardigheden voor toepassing van technologie neemt de komende jaren dus alleen maar toe.

Daarom zijn we verheugd dat de betrokken partners wederom hun inzet voor het Techniekpact hebben bekrachtigd. De unieke samenwerking tussen bedrijven, onderwijsinstellingen en overheden, en de blijvende inzet in het Techniekpact, is van groot belang om voorbereid te zijn op de uitdagingen van de toekomst.

Tot slot voldoen wij met deze brief aan twee verzoeken gedaan vanuit uw Kamer:

  • De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat antwoord op de verzoeken van het lid Moorlag gesteld aan de Minister van van Economische Zaken en Klimaat (Kamerstuk 31 524, nr. 373).

  • De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap gaat in bijlage 5 in op de vraag van het lid El Yassini, gesteld tijdens de Regeling van Werkzaamheden van 5 juni jl., over het bericht in het NRC van 1 juni 2018 over «uitsluiting van mbo-ers omdat zij meisje of vrouw zijn, of een andere afkomst hebben» (Kamerstuk 32 637, nr. 321).

De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, M.C.G. Keijzer

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, I.K. van Engelshoven

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, W. Koolmees

De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media, A. Slob


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

X Noot
2

De gehele Monitor vindt u op www.techniekpactmonitor.nl