Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 5 april 2018
Met deze brief reageer ik op het verzoek van het Lid Van der Lee (GroenLinks) van
15 maart jl. om in te gaan op de bevindingen van PWC inzake financieel-economische
fraude.
Het onderzoek van PWC1 bestaat uit een vragenlijst die wereldwijd door 7.200 respondenten uit 123 landen
is ingevuld. Gemeten wordt of deze respondenten hebben gemerkt dat er tegen hun organisatie
fraude is gepleegd of een poging daartoe is ondernomen. Wie deze respondenten zijn
en hoe ze geografisch en qua type organisatie verdeeld zijn, blijft onvermeld. Dat
maakt het niet eenvoudig om de cijfers op waarde te schatten.
De uitkomst van de enquête wordt in de rapportage gesplitst naar werelddelen weergegeven:
Zodoende wordt zichtbaar dat in West-Europa sprake is van een stijging van gerapporteerde
fraude van 40 in 2016, naar 45 procent van de respondenten in 2017. Daarmee is in
West-Europa, op het Midden Oosten na, sprake van het laagste niveau van ervaren fraude.
Ook geldt voor West-Europa het laagste niveau van stijging tussen 2016 en 2018.
PWC maakt bij deze cijfers de kanttekening dat de stijging kan wijzen op een toenemende
incidentie van fraude, maar ook op een toenemend risico-bewustzijn, een beter begrip
van wat als fraude moet worden beschouwd en een grotere respons op de enquête.
De survey levert dus geen objectieve meting op van het aantal fraudegevallen. De meting
betreft veeleer het bewustzijn van fraude bij de respondenten. Een groot fraudebewustzijn
is op zichzelf niet nadelig, want waakzaamheid is de belangrijkste bescherming tegen
fraude.
PWC stelt, mijns inziens terecht, dat alle ondernemingen het risico lopen slachtoffer
te worden van fraude. In de rapportage worden ondernemers dan ook opgeroepen om een
fraude risico inventarisatie uit te voeren en deze jaarlijks te herhalen, zodat ze
inzicht krijgen in de dreigingen en daartegen preventieve maatregelen kunnen nemen.
Dit is zonder enige twijfel een goed advies.
Bewustzijn van frauderisico’s is helaas een noodzakelijk en belangrijk aspect van
goed zakendoen. Ondernemers doen er goed aan zich te informeren over actuele dreigingen
op dit gebied. Hiervoor kunnen ze onder andere terecht bij de Fraudehelpdesk die meldingen
over fraude(pogingen) inzamelt en doorgeeft.
De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat,
M.C.G. Keijzer