Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201932620 nr. 212

32 620 Beleidsdoelstellingen op het gebied van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Nr. 212 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR MEDISCHE ZORG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 15 oktober 2018

Het RIVM heeft mij geïnformeerd over de laatste stand van zaken met betrekking tot de resistente darmbacterie die in het Zaans Medisch Centrum (ZMC). Met deze brief informeer ik u hierover, in vervolg op mijn brieven van 20 juni en 21 september 2018 (Kamerstuk 32 620, nr. 203; Kamerstuk 32 620, nr. 211).

Het ziekenhuis maakte begin april 2018 bekend dat een bacterie was aangetroffen met een speciale vorm van resistentie voor antibiotica. Het gaat om de (darm)bacterie Citrobacter freundii, die het zeldzame enzym New Delhi-metallo-bèta-lactamase (NDM) bij zich draagt, dat de bacterie resistent maakt tegen veel van de gangbare antibiotica waaronder de carbapenems (een zgn. CPE). In het verloop van de uitbraak is NDM naast de Citrobacter freundii ook bij enkele andere darmbacterien aangetroffen.

Deze bacteriën kunnen aanwezig zijn in de ontlasting van gezonde mensen die daarbij geen ziekteverschijnselen hoeven te hebben. Bij kwetsbare patienten kunnen deze bacterien echter infecties van de urinewegen, luchtwegen en bloedvergiftiging veroorzaken. De behandeling van dergelijke infecties is complex, maar deze patienten kunnen nog wel behandeld worden met antibiotica zoals bijvoorbeeld colistine, amikacine, en soms fosfomycine. Middelen die overigens op dit moment voldoende voorradig zijn in Nederland.

Genomen maatregelen

Het ZMC heeft op de uitbraak in april een lokaal outbreakmanagement team (OMT) ingericht om onderzoek te doen naar de bron en overdracht van de resistente bacteriën en er zijn maatregelen genomen om de uitbraak tot staan te brengen. Ook is er in het ziekenhuis een beleidsteam geformeerd en is een externe adviesgroep van deskundigen (waarin vertegenwoordigd een hoogleraar arts-microbioloog en ziekenhuishygiëniste) ingesteld. Ook is de uitbraak bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd in oprichting (IGJ i.o.) gemeld.

Verloop dragerschap vanaf februari jongstleden tot nu

In het Zaans Medisch Centrum zijn vanaf februari jongstleden tot nu in totaal 24 patienten als drager van darmbacterien met NDM gediagnosticeerd, in de meeste gevallen betrof het een resistente Citrobacter freundii. Bij een tweetal van hen, patiënten met ernstige comorbiditeit, speelde de resistente bacterie mogelijk een rol als verwekker van (meng)infectie. Het onderzoek naar dragerschap onder patiënten is nog niet afgerond en vindt wekelijks plaats.

Het RIVM meldde mij dat afgelopen week, ondanks alle inspanningen, in het ZMC twee nieuwe dragers van een bacterie met deze NDM-resistentie werden ontdekt. Bij hen is de bron en wijze van overdracht nog onduidelijk. Zij volgen niet direct uit de eerder bekende routes van overdracht.

Het ZMC heeft dit gemeld bij het Signaleringsoverleg Zorginfecties en antimicrobiële resistentie (SO-ZI/AMR). Het SO-ZI/AMR is een landelijk meldpunt (ingesteld in 2012) voor uitbraken in ziekenhuizen en andere zorginstellingen van bacteriën die resistent zijn tegen antibiotica. Het RIVM voert het secretariaat. Het signaleringsoverleg draagt bij aan voorkomen of beperken van grootschalige uitbraken in ziekenhuizen door ze vroegtijdig te signaleren en het verloop van de uitbraak nauwgezet te volgen. Het overleg is maandelijks, hierop worden infectiepreventieprofessionals (via e-post) geïnformeerd over de actuele uitbraken in Nederland. Het SO-ZI/AMR schat de bedreiging van uitbraken in voor de volksgezondheid en kan op basis daarvan een ziekenhuis adviseren externe expertise in te schakelen. Meldingen zijn vrijwillig, maar niet vrijblijvend. Alle ziekenhuizen hebben zich eraan gecommitteerd.

Naar aanleiding van de nieuwe situatie heeft op 12 oktober jongstleden de directeur CIb van het RIVM overleg gehad met de voorzitter van de Raad van Bestuur van het Zaans Medisch Centrum en met de verantwoordelijk medisch microbioloog. Extra inzet van externe deskundigen, ook op de ziekenhuisvloer, en aanvullend onderzoek gericht op analyse en controle van de uitbraak zijn geadviseerd. Ook hebben zij op een aantal punten naar meer gedetailleerde informatie gevraagd. De voorzitter van de Raad van Bestuur heeft aangegeven deze adviezen over te nemen en direct aanvullende maatregelen te zullen nemen.

Vervolg en communicatie

Het Zaans Medisch Centrum gaat nu de geadviseerde maatregelen uitvoeren en zal deze evalueren in vervolgoverleg tussen OMT, beleidsteam en de groep externe deskundigen. Het ZMC heeft een nieuwsbericht op haar website geplaatst, in vervolg op de informatie die het ziekenhuis daar al eerder had geplaatst. Het SO-ZI/AMR volgt de situatie. Het RIVM is al door het ZMC betrokken bij de analyse van de resistente bacteriestammen. Het RIVM is voorts beschikbaar voor vragen, onder andere via de RIVM-webpagina over antimicrobiële resistentie en specifiek over de Citrobacter freundii NDM (https://www.rivm.nl/Documenten_en_publicaties/Algemeen_Actueel/Veelgestelde_vragen/Infectieziekten/Vraag_en_antwoord_New_Delhi_Beta_lactamase_NDM). Ook is er een RIVM website die informatie geeft over het SO-ZI/AMR en haar procedures (https://signalen.rivm.nl/so-zi-amr).

De IGJ is nauw betrokken bij de situatie in het ZMC en heeft hierover regelmatig contact met het ziekenhuis.

Ik zal u op de hoogte houden van de ontwikkelingen.

De Minister voor Medische Zorg, B.J. Bruins