Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201132605 nr. 47

32 605 Beleid ten aanzien van ontwikkelingssamenwerking

Nr. 47 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 27 juni 2011

Graag bied ik u hierbij de reactie aan op het verzoek van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken van 4 mei 2011 met kenmerk 2011Z07930/2011D23598 inzake het Rapport ««Conflict, Security and Development»« van de Wereldbank.

1. Nederlandse visie op het rapport

In april 2011 presenteerde de Wereldbank het rapport «Conflict, Security and Development» (WDR).

Nederland onderschrijft in grote mate de analyse en de aanbevelingen van het rapport. Het rapport is tot stand gekomen op basis van brede consultaties met de Verenigde Naties (VN), regionale organisaties, betrokken landen, experts en donoren. Het rapport bepleit een brede benadering ten aanzien van fragiele staten.

  • Op korte termijn dienen resultaten te worden geboekt op basis van het creëren van veiligheid, van werkgelegenheid en van een inclusieve benadering, inclusief het betrekken van vrouwen. Dit zal helpen onderling vertrouwen te herstellen.

  • Op de langere termijn is de opbouw van instituties cruciaal, evenals conflictpreventie.

  • Daarnaast onderbouwt het rapport uitgebreid dat geweld en conflict belangrijke obstakels voor ontwikkeling vormen. In geen van de fragiele staten en conflictgebieden zijn de millenniumdoelen gehaald.

Het rapport sluit nauw aan bij de Nederlandse beleidsprioriteit van veiligheid en rechtsorde in fragiele staten en helpt scherpere keuzes te maken.

  • Het is grote winst dat de Wereldbank een rapport heeft geproduceerd dat ontwikkeling in een breed kader plaatst, met aandacht voor politiek en veiligheid. Nederland heeft via studies in het kader van het Bank-Netherlands Partnership Programme ook input geleverd aan de totstandkoming van het rapport. Mede met Nederlandse financiële steun organiseerde de Wereldbank recent een bijeenkomst in Cairo om op basis van het rapport de hervormingen in Egypte en het Midden-Oosten te ondersteunen.

  • Nederland gelooft in een grotere nadruk op preventie van conflicten, omdat dit veel effectiever is dan een post-conflict benadering. Ook de nadruk op inclusiviteit, werkgelegenheid, rechtsstaat en de rol van vrouwen wordt verwelkomd (dat laatste conform de Nederlandse nadruk op de uitvoering van Veiligheidsraadsresolutie 1325 over vrouwen en conflict).

  • Nederland is op diverse punten al de weg van het WDR ingeslagen, onder andere door grotere conflictsensitiviteit bij de OS-programma’s, steun voor initiatieven op preventiegebied en steun voor rechtsstaatontwikkeling.

  • Nederland zal zich nu vooral inzetten voor implementatie van de aanbevelingen, zodat de Wereldbank en de internationale gemeenschap als geheel efficiënter kunnen opereren in fragiele staten en conflictgebieden.

  • De aanbeveling in het rapport voor een coherente benadering met aandacht voor de lokale en regionale context sluit aan bij de wens van de Nederlandse regering tot betere samenwerking tussen de Wereldbank en de Verenigde Naties. Het rapport legt in dit verband de nadruk op het versterken van de partnerschappen met regionale organisaties, de VN en donoren op basis van uitwisselingen, detachering en joint offices. Zo zou de Wereldbank standaard deel kunnen nemen aan het VN-landenteam. Nederland zal die betere samenwerking blijven bepleiten, in algemene zin en in concrete gevallen.

  • Verder heeft de Bank het voornemen om een expertisecentrum voor fragiele staten in Nairobi op te richten. Dit is een interessante pilot voor decentralisatie en kan bijdragen aan landenspecifieker maken van de programma’s van de Wereldbank en een betere aansluiting op basis van behoeften in het veld. De randvoorwaarden moeten wel goed worden ingevuld: voldoende delegatie van bevoegdheden en aansturing vanuit Washington, goede mix van expertise in de vorm van politieke analyse, veiligheid en justitie. Ik heb reeds tijdens de Voorjaarsvergadering van Wereldbank en Internationaal Monetair Fonds het belang van effectievere inzet van de Bank in fragiele staten bepleit.

2. Conferentie Den Haag over het rapport

Op 27 april organiseerde het ministerie van Buitenlandse Zaken in samenwerking met de Wereldbank en OESO/DAC een presentatie van het rapport. Dit in het kader van het Nederlandse co-voorzitterschap van de werkgroep fragiele staten van de DAC. De conferentie, die plaatsvond in Den Haag, had een grote opkomst van vertegenwoordigers van regeringen, civil society en multilaterale organisaties.

Ik verwelkomde in mijn openingsspeech het rapport en riep de Wereldbank op tot effectievere inzet in fragiele staten, inclusief meer capaciteit ter plaatse en voorstellen voor een risicobenadering die aansluit bij de context waarin de Bank moet opereren. Hoofdauteur Sarah Cliffe zette de hoofdlijnen van het rapport uiteen en gaf als conclusies aan dat op de langere termijn een focus op instituties voor de hand ligt, terwijl op de kortere termijn inclusiviteit, werkgelegenheid en veiligheid prioriteit zijn. De minister van buitenlandse zaken en internationale samenwerking van Burundi besprak het samenwerkingsprogramma met Nederland op hervorming van de veiligheidssector en riep op tot lange termijn-committering van donoren aan conflictlanden. Assistent-Secretaris-Generaal van de VN Jordan Ryan verwelkomde het rapport en riep op tot praktische samenwerking van VN en Wereldbank in landen. Rene Grotenhuis van Cordaid gaf aan de staatsopbouw een lokaal proces moet zijn dat bouwt op wat civil society reeds bereikt heeft. Er zijn geen onbeschreven bladzijden op dit gebied.

Het belang van het rapport werd alom onderstreept. Deelnemers toonden zich bereid om de aanbevelingen van het rapport in de praktijk te brengen.

De universele lof voor het rapport toont niet alleen het goede werk van het WDR-team, maar ook dat in de afgelopen jaren consensus is ontstaan over het belang van inclusiviteit, conflictsensitief werken, het versterken van regeringen en instituties, veiligheid en werkgelegenheid. De uitdaging is om dit te vertalen naar een betere inzet op landenniveau en een betere samenwerking tussen multilaterale spelers. De discussies binnen de Wereldbank naar aanleiding van het WDR en binnen de VN over civiele capaciteit bieden hier de kans voor.

Voor een impressie van de conferentie treft u in de bijlagen aan: een samenvatting en mijn speech.1 Een link met een video over de conferentie op YouTube.

De staatssecretaris van Buitenlandse Zaken,

H. P. M. Knapen


X Noot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer.