Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201132573 nr. 1

32 573 Het vragenuur

Nr. 1 BRIEF VAN HET PRESIDIUM

Aan de leden

Den Haag, 8 december 2010

Het Presidium legt hierbij aan u een voorstel voor een andere vorm van het vragenuur voor. Het voorstel is gebaseerd op een advies van de commissie voor de Werkwijze. De commissie voor de Werkwijze heeft dit advies aan het Presidium uitgebracht vanwege een toezegging van de Voorzitter bij de behandeling van de Raming van de Tweede Kamer voor 2011 (kamerstuk 32 370, nr. 8, blz. 40).

Het Presidium heeft hierbij overwogen dat al enige jaren in de Kamer regelmatig is gediscussieerd over de opzet en de vorm van het vragenuur, tot nu toe echter zonder resultaat. Het Presidium heeft voorts overwogen dat in de Kamer de behoefte aan actuele informatie op allerlei terreinen sterk is toegenomen en dat dit zich ook heeft vertaald in een toename van het aantal verzoeken voor het mondeling vragenuur.

Het Presidium stelt u voor om bij wijze van experiment en uitsluitend voor de duur van dit experiment in afwijking van de regels dienaangaande in het Reglement van Orde 1, het volgende te bepalen:

  • 1. aan degene die mondelinge vragen mag stellen wordt meer gelegenheid gegeven om na de beantwoording van zijn eerste vragen aanvullende vragen te stellen; het Presidium denkt hierbij aan 2 minuten voor de eerste vervolgvraag en ½ of 1 minuut voor de tweede en de derde vervolgvraag.

  • 2. De spreektijden van de bewindslieden voor de beantwoording worden ingekort; het Presidium denkt hierbij aan 3 minuten voor de eerste vraag en 1 minuut voor iedere vervolgvraag.

  • 3. Na dit blokje worden geen aanvullende vragen van andere leden toegestaan.

Het Presidium verwacht dat op deze wijze per vragensteller ongeveer 10 minuten gemoeid zullen zijn. Dat wil zeggen dat in een vragenuur 6 en wellicht 7 vragen aan de orde zouden kunnen komen. De verzoeken voor het vragenuur zullen ook conform de bekende criteria  (actualiteit, urgentie, gewicht, procedurele belemmeringen) beoordeeld worden. Wat betreft de volgorde van de vragenstellers wordt zoals gebruikelijk rekening gehouden met het tijdstip van ontvangst van de verzoeken bij de Griffie en met de agenda van de bewindspersonen 2.

Het Presidium stelt voor om dit experiment te houden in de periode tussen het aanstaande Kerstreces en het krokusreces in 2011. Daarna zal het Presidium het experiment evalueren en indien nodig met voorstellen komen tot wijziging van het Reglement van Orde.

Het Presidium stelt u voor om in te stemmen met dit experiment.

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal,

G. A. Verbeet

De Griffier van de Tweede Kamer der Staten-Generaal,

J. E. Biesheuvel-Vermeijden


XNoot
1

De huidige procedure voor het vragenuur is opgenomen in het Reglement van Orde van de Tweede Kamer (Hoofdstuk XI. Het vragen van inlichtingen aan de regering, paragraaf 3 het mondelinge vragenuur, artikel 136 tot en met 139).

XNoot
2

De Voorzitter zal in de regel afwezigheid wegens internationale verplichtingen, het begeleiden van HM (en/of andere leden van het Koninklijk Huis) of verplichtingen in de Eerste Kamer, aanvaarden.