32 565 I Wijziging van de begrotingsstaat behorende bij de begroting van de Koning (I) voor het jaar 2010 (wijziging samenhangende met de Najaarsnota)

Nr. 2 MEMORIE VAN TOELICHTING

A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikel 1

De begrotingsstaten die onderdeel uitmaken van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 1, derde lid, van de Comptabiliteitswet 2001 elk afzonderlijk bij de wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2010 wijzigingen aan te brengen in de begrotingsstaat van de begroting van de Koning.

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn. begrotingstoelichting).

De minister-president,

Minister van Algemene Zaken,

M. Rutte

B. BEGROTINGSTOELICHTING

1. LEESWIJZER

In paragraaf 2 zullen de voorgestelde mutaties worden toegelicht.

2. Suppletoire mutaties

Overzicht suppletoire uitgavenmutaties voor 2010 (Bedragen x € 1 000)
 

Uitgaven

Art nr.

Stand ontwerpbegroting 2010

39 643

 

Mutaties 1e suppletoire begroting 2010

– 163

 

Stand 1e suppletoire begroting 2010

39 480

 

Voorgestelde mutaties 2e suppletoire begroting 2010

  

1. KdK bijdrage contract Kluwer etc.

– 4

3

2. KdK Aandeel in eindejaarsmarge 2009 AZ

23

3

   

Stand 2e suppletoire begroting 2010

39 499

 

Het betreft de doorbelasting van de uitgavenmutaties zoals deze bij het Kabinet der Koningin als onderdeel van de begroting van Algemene Zaken (III) hebben plaatsgevonden. Deze mutaties worden als uitgaven en ontvangsten van die begroting toegelicht.

Overzicht suppletoire ontvangstenmutaties voor 2010 (Bedragen x € 1 000)
 

Ontvangsten

Art nr.

Stand ontwerpbegroting 2010

 

Mutaties 1e suppletoire begroting 2010

 

Stand 1e suppletoire begroting 2010

 

Voorgestelde mutaties 2e suppletoire begroting 2010

  

1. Eindafrekening functionele uitgaven 2009

116

2

   

Stand 2e suppletoire begroting 2010

116

 

Vanaf de begroting 2010 zijn alle budgetten samenhangend met de functionele uitgaven van de begroting van BZK, WWI en VenW overgeheveld naar de begroting van de Koning. Hierdoor hebben deze begrotingen vanaf 2010 geen begrotingstitel meer om de deze uitgaven te verantwoorden. Dit heeft gevolgen voor de definitieve afrekening van de verstrekte voorschotten door deze ministeries aan het Koninklijk Huis over 2009. In dat kader is besloten om de budgettaire consequenties van de afwikkeling van het jaar 2009 ten laste, dan wel ten gunste te brengen van de begroting van de Koning, hetgeen hierbij is geschied.

Naar boven