Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Eerste Kamer der Staten-Generaal2011-201232549 nr. K

32 549 Wijziging van de Telecommunicatiewet ter implementatie van de herziene telecommunicatierichtlijnen

K MOTIE VAN HET LID BRÖCKER C.S.

Voorgesteld 8 mei 2012

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende, dat er brede politieke consensus is over de onwenselijkheid van nationale koppen op Europese regelgeving,

constaterende, dat de Algemene Rekenkamer heeft vastgesteld dat nationale koppen worden aangemerkt als een verklaring voor de termijnoverschrijdingen bij de implementatie van Europese richtlijnen,

constaterende, dat Nederland regelmatig afwijkt van Europese regelgeving door eisen op te nemen in zijn nationale wetgeving die strenger zijn dan gelet op de Europese regelgeving strikt noodzakelijk is,

constaterende, dat Nederland regelmatig vooruitloopt op Europese regelgeving door in zijn nationale wetgeving te anticiperen op de Europese regelgeving die actief in ontwikkeling is of waarover de discussie en besluitvorming op Europees niveau nog niet is afgerond,

overwegende, dat het gelet op de interne markt van de EU onwenselijk is dat in Nederland andere regels gelden dan in de rest van de EU,

overwegende, dat afwijking van Europese regelgeving, in het bijzonder bij wege van een wetsvoorstel dat als doel heeft de Europese regelgeving te implementeren, slechts in zeer bijzondere omstandigheden gerechtvaardigd kan zijn,

overwegende, dat anticipatie op Europese regelgeving slechts gerechtvaardigd kan zijn als daarvoor een acute noodzaak is, waarbij de besluitvorming op Europees niveau niet kan worden afgewacht,

verzoekt de regering wanneer afgeweken wordt van Europese richtlijnen in het wetsvoorstel dat de implementatie daarvan beoogt, de rechtvaardiging voor deze afwijking expliciet en gemotiveerd aan de orde te stellen bij de behandeling van het wetsvoorstel of amendementen daarop en te bevorderen dat deze afwijkingen in een afzonderlijk wetsvoorstel worden aangeboden aan de Eerste Kamer,

verzoekt de regering voorts om in de toekomst niet te anticiperen op Europese regelgeving, wanneer er Europese voorstellen zijn die hetzelfde onderwerp en doel hebben en waarover de besluitvorming nog niet is afgerond, tenzij daarvoor een acute noodzaak is,

en gaat over tot de orde van de dag.

Bröcker

Franken

Ester

Holdijk