Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201232549 nr. 48

32 549 Wijziging van de Telecommunicatiewet ter implementatie van de herziene telecommunicatierichtlijnen

Nr. 48 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 18 juni 2012

De vaste commissie voor Economische Zaken, Landbouw en Innovatie heeft in de procedurevergadering van 5 juni jl. gevraagd naar mijn reactie op het rapport van BEREC «A view of traffic management and other practices resulting in restrictions to the open Internet in Europe» (hierna: het BEREC-rapport).

Ik verwelkom het rapport omdat het voor het eerst kwantitatief inzicht geeft in hoe in Europa aanbieders van internettoegang omgaan met het internetverkeer dat zij over hun netwerken afhandelen. Het rapport is tot stand gekomen op basis van reacties van 381 Europese aanbieders van internettoegang (266 vaste en 115 mobiele aanbieders). Uit het rapport blijkt dat het blokkeren of afknijpen van peer-to-peer verkeer (P2P), op zowel vaste als mobiele netwerken, en het blokkeren van Voice over IP verkeer (VoIP) op met name mobiele netwerken veel voorkomt. P2P wordt door 18 procent van de vaste aanbieders belemmerd, hetgeen effect heeft op ruim 21 procent van de Europese eindgebruikers. Soms alleen tijdens piekuren of congestie, soms alleen bij sommige abonnees, soms altijd voor iedereen. P2P wordt door 35 procent van de mobiele aanbieders, goed voor 36 tot 42 procent van de Europese eindgebruikers, belemmerd. Het VoIP-verkeer wordt door 23 procent van de mobiele aanbieders contractueel en/of technisch geblokkeerd. Dit raakt 21 tot 39 procent van de eindgebruikers. VoIP wordt vrijwel niet geblokkeerd door vaste aanbieders.

Genoemde kwantitatieve cijfers schetsen de situatie op geaggregeerd, Europees niveau. Uit het rapport van BEREC blijkt verder dat de situatie per land, zonder deze specifiek te noemen, sterk kan verschillen. In het ene land zijn meer schendingen van het principe van netneutraliteit dan het andere.

In Nederland was de situatie vorig jaar dusdanig dat dit u en mij aanleiding gaf om netneutraliteit te borgen via de Telecommunicatiewet. Dat was op het moment dat duidelijk werd dat meerdere grote mobiele telecomaanbieders innovatieve concurrerende diensten als Skype en Whatsapp (wilden gaan) belemmeren. Met die wettelijke borging wordt het ongewenst blokkeren of afknijpen van P2P- en VOIP-verkeer in Nederland voorkomen.

Eurocommissaris Kroes heeft te kennen gegeven dat het BEREC-rapport haar bevestigt dat netneutraliteit een belangrijk thema is op de Europese agenda. Zij heeft aangekondigd met nadere aanbevelingen op dit punt te komen. Afgaand op wat zij hierover heeft losgelaten, verwacht ik dat deze aanbevelingen zich met name richten op het transparanter maken van het aanbod van internetabonnementen voor consumenten, inclusief eventuele beperkingen daarin.

Ik heb onze wetgeving en de gedachtegang daarachter onlangs nog uitgebreid toegelicht en aanbevolen bij Eurocommissaris Kroes, zoals eerder aan u toegezegd. Ik zal u, via de geëigende wegen, op de hoogte houden over de ontwikkelingen in Europa op het gebied van netneutraliteit.

De minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, M. J. M. Verhagen