32 213 (R1903) Wijziging van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden in verband met de wijziging van de staatkundige hoedanigheid van de eilandgebieden van de Nederlandse Antillen (Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen)

Nr. 12 AMENDEMENT VAN DE BIJZONDERE GEDELEGEERDEN HERDÉ EN DAMMERS

Ontvangen 9 april 2010

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

In artikel II, onderdeel F, vervalt artikel 27, derde en vierde lid.

Toelichting

Met artikel 27, derde lid, wordt de mogelijkheid gecreëerd om met uitvoerende regelgeving in de vorm van een algemene maatregel van rijksbestuur of rijkswet te komen, om zo de bekrachtiging van internationale verplichtingen voortvloeiende uit overeenkomsten gesloten met ander mogendheden, te doen naleven. De Raad van State heeft in haar advies van 29 augustus 2009 gesteld dat de artikelen 51 en 43 van het Statuut reeds voldoende juridische basis bieden om het probleem van uitblijven van uitvoeringswetgeving te ondervangen. Om juridische redenen is artikel 27, derde lid, en dan ook het vierde lid, dus overbodig. Indien het gewenst is om voor het hele Koninkrijk gemeenschappelijke maatstaven, normen en standaarden voor de kwaliteit van het leven in alle landen van het Koninkrijk overeen te komen en daarvoor ook internationale verdragen te hanteren, dan is het alleszins redelijk om daar gezamenlijk als Koninkrijk, niet alleen het juridische aspect, maar ook de organisatorische, financiële en personele voorzieningen voor te treffen. Daarmee zal concreet met verenigde krachten worden gewerkt aan gemeenschappelijke standaarden voor alle delen van het Koninkrijk en zal deze als een gemeengoed stellen, in plaats van de indruk te wekken deze eenzijdig te willen opleggen.

Het belangrijkste wat in dit Statuut nu is opgenomen voor wat betreft verdragen en de implementatie hiervan voor de toekomst is het tweede lid van artikel 27. Hierin wordt bepaald dat er een onderlinge regeling zal komen tussen de landen van het Koninkrijk ten behoeve van de totstandkoming van regelgeving en andere maatregelen voor de uitvoering van verdragen. De totstandkoming en zeker de inhoud van deze regeling is essentieel voor het optimaal kunnen voldoen aan verdragsverplichtingen. De draagkracht van de afzonderlijke eilanden van het Koninkrijk is voor de uitvoerbaarheid van verdragen immers de belangrijkste oorzaak voor de opgelopen achterstand in de naleving hiervan.

Herdé

Dammers

Naar boven