Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201432201 nr. 68

32 201 Herziening van het Gemeenschappelijk Visserijbeleid

Nr. 68 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 4 februari 2014

Per brief van 29 januari heb ik uw Kamer geïnformeerd dat de Raad, het Europees Parlement en de Europese Commissie in triloog op hoofdlijnen een politiek akkoord hebben bereikt over de verordening voor het Europees Fonds Maritieme Zaken en Visserij (EFMZV) (Kamerstuk 21 501-32, nr. 763). In de brief heb ik aangegeven dat over een aantal zaken, waaronder een artikel op basis waarvan de pulsvisserij in een lidstaat kan worden verhoogd, het overleg tussen partijen zou worden voortgezet.

Dit overleg is afgelopen vrijdagavond laat afgerond met een voor Nederland zeer teleurstellende uitkomst. Vertegenwoordigers van het Europees Parlement hebben voorstellen ingediend tot schrappen van het door de Raad van Visserijministers vastgestelde voorstel voor het vergroten van de pulsmogelijkheden. Gelet op het belang van het bereiken van een algeheel akkoord over de gehele EFMZV-verordening hebben medewerkers van het Voorzitterschap en de Europese Commissie het voorstel geaccepteerd waardoor de beoogde verhoging geen deel meer uitmaakt van de EFMZV-verordening. Het betreft hier een onderhandelaarsakkoord, dat nog de goedkeuring behoeft van het Europees Parlement (Visserijcommissie en vervolgens plenair), Europese Raad voor Visserijministers en Europese Commissaris.

Ik betreur deze uitkomst zeer. Het is een grote teleurstelling dat de Nederlandse visserijsector met dit besluit kansen wordt ontnomen om verder te verduurzamen, zeker in het licht van het nieuwe Gemeenschappelijk Visserijbeleid dat selectievere visserijmethoden en innovatie centraal staan. Ook zijn selectievere visserijmethoden cruciaal voor een zorgvuldige implementatie van de aanlandplicht. Ook de mogelijkheden om de bedrijfsvoering economisch te versterken, komen door het besluit in gevaar.

Ik stel nu alles in het werk om te bezien welke opties er zijn om tot een oplossing te komen voor deze onacceptabele gang van zaken. Ik heb daarover gistermiddag reeds een spoedoverleg gevoerd met een brede vertegenwoordiging van de sector.

Ik zal in overleg treden met Europees Commissaris Damanaki en mijn Griekse ambtsgenoot in zijn hoedanigheid als voorzitter van de Raad om een oplossing op zeer korte termijn te vinden. Het gaat daarbij zowel om mogelijkheden te bezien of het onderhandelaarsakkoord nog gewijzigd kan worden als mogelijkheden om op andere wijze een verhoging van het aantal vergunningen voor de pulsvisserij te realiseren. Daarnaast zal ik blijven inzetten voor een groter draagvlak voor de pulstechniek en daartoe o.a. spreken met de Franse Minister Cuvillier.

Voor mij geldt dat er een oplossing met goedkering op Europees niveau moet worden gevonden. Een oplossing om op nationale basis zonder Europese goedkeuring vergunningen uit te geven acht ik geen begaanbare weg. Een nationale uitgifte zonder Europese goedkeuring zou in strijd met het EU-recht zijn en zal direct leiden tot een infractieprocedure, aanzienlijke boetes en het moeten intrekken van vergunningen. Een route waar niemand en zeker niet de betrokken visserijondernemers, mee gediend is en waarschijnlijk een generieke toelating nog veel verder wegbrengt.

In overleg met de sector zal ik bezien of voor visserijondernemingen die reeds investeringen hebben gedaan om op de wachtlijst te komen, een financiële overbrugging kan worden gerealiseerd vanuit het nieuwe Europese Visserijfonds.

Ik zal uw Kamer over de voortgang blijven informeren.

De Staatssecretaris van Economische Zaken, S.A.M. Dijksma