Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2009-201032178 nr. 3

32 178 (R 1898)
Reglement voor de Gouverneur van Curaçao

nr. 3
MEMORIE VAN TOELICHTING

Algemeen

Tijdens het bestuurlijk overleg over de toekomstige staatkundige positie van Curaçao en Sint Maarten op 2 november 2006 te Den Haag is overeengekomen dat de beoogde status van Curaçao die van land binnen het Koninkrijk is.1 De regering van het Koninkrijk zal in het nieuwe land Curaçao worden vertegenwoordigd door de Gouverneur van Curaçao. Het onderhavige wetsvoorstel strekt tot het vaststellen van een Reglement voor de Gouverneur van Curaçao. Tevens wordt voorgesteld om het Reglement voor de Gouverneur van de Nederlandse Antillen in te trekken.

De staatsrechtelijke positie en de hiermee verband houdende bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de Gouverneur van Curaçao zullen niet verschillen van die van de Gouverneur van Aruba of van die van de huidige Gouverneur van de Nederlandse Antillen. Om deze reden is er in inhoudelijk opzicht geen nieuw reglement ontworpen en zijn het Reglement voor de Gouverneur van Aruba en het Reglement voor de Gouverneur van de Nederlandse Antillen bij het onderhavige wetsvoorstel als uitgangspunt genomen. Hieronder wordt artikelsgewijs toegelicht op welke punten het voorgestelde Reglement voor de Gouverneur van Curaçao afwijkt van de Reglementen voor de Gouverneurs van Aruba en de Nederlandse Antillen. De artikelen die niet afwijken van bovengenoemde reglementen behoeven geen toelichting.

Artikelsgewijs

Artikel 7

Bloed- of aanverwantschap tot en met de tweede graad of huwelijk mag niet bestaan tussen de Gouverneur enerzijds en de ondervoorzitter of een overig lid van de Raad van Advies, een minister of de Gevolmachtigde Minister anderzijds. Volgens de ontwerp-Staatsregeling van Curaçao kan de Gouverneur het voorzitterschap van de Raad bekleden, zo dikwijls hij dit nodig oordeelt. Om deze reden wordt in artikel 7 de ondervoorzitter van de Raad van Advies genoemd en niet de voorzitter. Dit komt overeen met het Reglement voor de Gouverneur van de Nederlandse Antillen en wijkt af van het Reglement voor de Gouverneur van Aruba. In Aruba is de Gouverneur geen voorzitter van de Raad van Advies.

Hiernaast opent de ontwerp-Staatsregeling van Curaçao niet de mogelijkheid tot het benoemen van buitengewone leden van de Raad van Advies. In artikel 7 wordt dan ook, net zoals in artikel 7 van het Reglement voor de Gouverneur van Aruba, niet gesproken over buitengewone leden van de Raad van Advies.

Artikel 14, tweede lid

De woorden «bij zijn eerste optreden als zodanig» zijn uit het tweede lid van artikel 14 geschrapt omdat dit in de praktijk tot de onwenselijke situatie leidde dat de Gouverneur het land diende te verlaten om de installatie van zijn waarnemer in de Staten mogelijk te maken.

Artikel 15

derde lid

Voorgesteld wordt om in het Reglement op te nemen dat de minister-President en de ministers van het Koninkrijk met de Gouverneur kunnen overleggen. Aangezien de Gouverneur als Koninkrijksorgaan een rol speelt bij de behartiging van Koninkrijksaangelegenheden, is het nuttig als er overleg plaatsvindt tussen de Gouverneurs en de ministers van het Koninkrijk. De Minister-President overlegt met de Gouverneur in zijn hoedanigheid van voorzitter van de raad van ministers van het Koninkrijk.

vierde lid

De Gouverneur is als koninkrijksorgaan verantwoording verschuldigd aan de regering van het Koninkrijk en de voor Koninkrijksaangelegenheden verantwoordelijke ministers. Het is daarom gewenst dat er afstemming plaatsvindt tussen aan de ene kant de Gouverneur in diens hoedanigheid van koninkrijksorgaan en aan de andere kant de ministers van het Koninkrijk. Ten minste tweemaal per jaar voert de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vanwege zijn verantwoordelijkheid voor de waarborgtaak van het Koninkrijk en voor de goede uitvoering van de reglementen voor de Gouverneurs overleg met de Gouverneur, de Gouverneur van Aruba en de Gouverneur van Sint Maarten. Ook andere koninkrijksaangelegenheden kunnen bij het overleg aan de orde komen, indien en voor zover de Gouverneur als koninkrijksorgaan een rol speelt bij de behartiging van die aangelegenheden. In dat geval wordt de minister die binnen de Koninkrijksregering voor de betreffende Koninkrijksaangelegenheden de verantwoordelijkheid draagt daarvan tijdig op de hoogte gesteld. De betreffende minister kan vervolgens deelnemen aan het overleg over de Koninkrijksaangelegenheid in kwestie. Ook kan hij desgewenst separaat overleg voeren (zie derde lid).

In het overleg zullen alleen aangelegenheden van het Koninkrijk besproken worden. De Gouverneur neemt deel aan het overleg in zijn hoedanigheid van vertegenwoordiger van de regering van het Koninkrijk. De Gouverneur neemt niet aan het overleg deel in zijn hoedanigheid van hoofd van de landsregering. In die hoedanigheid zijn de ministers van het land verantwoordelijk.

vijfde lid

De Minister-President kan te allen tijde aan het overleg tussen de Gouverneurs en een minister van het Koninkrijk deelnemen en zit in dat geval de vergadering voor.

Artikel 24

Aangezien het land Curaçao één bestuurslaag zal kennen, hoeft er in artikel 24 niet worden opgenomen dat de organen van de eilandgebieden op verzoek van de Gouverneur hun medewerking verlenen bij de uitoefening van de hem in dit reglement toegekende bevoegdheden. Dit is uiteraard ook niet opgenomen in het Reglement voor de Gouverneur van Aruba, maar wel in het huidige Reglement voor de Gouverneur van de Nederlandse Antillen.

Artikel 28

In artikel 28 wordt voorgesteld om het Reglement voor de Gouverneur van de Nederlandse Antillen in te trekken. Aangezien het land de Nederlandse Antillen wordt opgeheven, zal de functie van Gouverneur van de Nederlandse Antillen verdwijnen.

De minister van Justitie,

E. M. H. Hirsch Ballin

De staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

A. Th. B. Bijleveld-Schouten


XNoot
1

Kamerstukken II 2006/07, 30 800 IV, nr. 9.