Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-201332144 nr. 21

32 144 Herziening Wet arbeid vreemdelingen

Nr. 21 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 8 december 2012

Mede namens de Minister van OCW informeer ik u over het volgende.

Al enige tijd speelt de kwestie dat vreemdelingen zonder verblijfstitel onderwijs kunnen volgen (als ze daar voor hun achttiende aan zijn begonnen), maar geen stage kunnen lopen. Voor stage is op grond van de Wet arbeid vreemdelingen een tewerkstellingsvergunning vereist en deze kan niet worden verleend voor een vreemdeling zonder (de juiste) verblijfstitel.

Vanwege het ontbreken van de mogelijkheid om stage te lopen, kunnen illegale jongeren geen diploma behalen. Het kabinet acht deze situatie onwenselijk en regelt daarom dat stage lopen mogelijk wordt onder de volgende voorwaarden:

  • De stage is verplicht om een opleiding te kunnen voltooien;

  • De illegale vreemdeling is voor zijn achttiende levensjaar aan deze opleiding begonnen;

  • De opleiding valt onder de beroepsopleidende leerweg (BOL) in het MBO-onderwijs;

  • De stage is onbezoldigd.

Ik zal hiervoor een uitzondering maken op de tewerkstellingsvergunningplicht in het Besluit uitvoering Wet arbeid Vreemdelingen. Deze uitzondering kan op 1 juli 2013 in werking treden. Tot die tijd wordt de huidige praktijk, waarin door de Inspectie SZW niet actief wordt gehandhaafd, voortgezet.

Aan de stage kan geen verblijfsrecht worden ontleend, noch staat de stage de vertrekplicht op grond van de vreemdelingenwet in de weg.

Zoals mijn voorganger aan uw Kamer heeft laten weten (Kamerstuk 32 144, nr. 16), is de Staat in hoger beroep gegaan tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag waarin werd geoordeeld dat de Staat een onrechtmatige daad pleegt door een 21-jarige mbo-student zonder verblijfstitel geen mogelijkheid te bieden tot het lopen van een stage. Ik zal namens de Staat dit hoger beroep intrekken. Het hoger beroep was bedoeld om duidelijkheid te krijgen over de verhouding tussen internationale regelgeving en de Wet arbeid vreemdelingen.

Met de wijziging van het Besluit uitvoering Wet arbeid Vreemdelingen schept het kabinet zelf duidelijkheid hierover door een onderwijsroute mogelijk te maken die met een diploma kan worden afgerond.

De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, L.F. Asscher