Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2009-201032130 nr. 10

32 130
Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Fiscale vereenvoudigingswet 2010)

nr. 10
AMENDEMENT VAN HET LID REMKES

Ontvangen 29 oktober 2009

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

Artikel III wordt als volgt gewijzigd:

A. Het in onderdeel A opgenomen artikel 1.2, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 wordt als volgt gewijzigd:

1. In onderdeel c wordt «, of» vervangen door een puntkomma.

2. Na onderdeel d wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van dat onderdeel door «, of», een onderdeel toegevoegd, luidende:

e. die in die periode van inschrijving op hetzelfde woonadres in de basisadministratie persoonsgegevens gedurende meer dan zes maanden onafgebroken een gezamenlijke huishouding voert met de belastingplichtige en samen en uitsluitend met de belastingplichtige voor het kalenderjaar kiest voor kwalificatie als partner.

B. Onderdeel B vervalt.

II

Artikel IV wordt als volgt gewijzigd:

1. In onderdeel 1 wordt «onderdeel c» vervangen door: onderdeel d.

2. Onderdeel 2 komt te luiden:

2. Na onderdeel e wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van dat onderdeel door «, of», een onderdeel toegevoegd, luidende:

f. die in het aan het kalenderjaar voorafgaand kalenderjaar reeds partner van de belastingplichtige was op grond van artikel 5a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen of op grond van de onderdelen a tot en met d.

III

In artikel XVIIIA wordt «wordt aangemerkt als partner» vervangen door: kiest voor kwalificatie als partner of wordt aangemerkt als partner.

IV

Het in artikel XIX opgenomen artikel 3, tweede lid, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen wordt als volgt gewijzigd:

1. In onderdeel c wordt «, of» vervangen door een puntkomma.

2. Na onderdeel d wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van dat onderdeel door «, of», een onderdeel toegevoegd, luidende:

e. voor de toepassing van de Wet inkomstenbelasting 2001 voor het berekeningsjaar kiest voor kwalificatie als partner of wordt aangemerkt als partner van de belanghebbende.

V

Artikel XX wordt als volgt gewijzigd:

1. In onderdeel 1 wordt «onderdeel c» vervangen door: onderdeel d.

2. Onderdeel 2 komt te luiden:

2. Na onderdeel e wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van dat onderdeel door «, of», een onderdeel toegevoegd, luidende:

f. die in het aan het kalenderjaar voorafgaand kalenderjaar reeds partner van de belastingplichtige was op grond van het eerste lid of op grond van de onderdelen a tot en met d.

Toelichting

Met de in dit amendement voorgestelde wijzingen blijft het voor ongehuwd samenwonenden mogelijk om elk jaar bij de aangifte te kiezen voor partnerschap voor de Wet inkomstenbelasting 2001 (hierna: Wet IB 2001). Hiervoor wordt artikel 1.2, eerste lid, onderdeel e, Wet IB 2001 toegevoegd. De uitwerking van de keuzeregeling is vastgelegd in artikel 1.3 van de Wet IB 2001, dat derhalve gehandhaafd moet blijven. Om de belastingplichtige ieder jaar de mogelijkheid te geven om te kiezen is het criterium «vorig jaar partner, dit jaar weer partner» niet van toepassing op de keuzeregeling. Dit is geregeld in onderdeel II.

In de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (hierna: Awir) geldt geen keuzeregime, maar is wel een schakelbepaling opgenomen waarbij belastingplichtigen die kiezen voor partnerschap in de Wet IB 2001 ook partner zijn voor de Awir. In overeenstemming met de aanpassingen in de Wet IB 2001, wordt in de onderdelen III, IV en V van dit amendement de Awir ook aangepast op dit punt.

De budgettaire derving van het amendement is geraamd op € 8,5 miljoen per jaar.

Remkes