32 043 Toekomst pensioenstelsel

Nr. 702 MOTIE VAN HET LID PATIJN C.S.

Voorgesteld 31 maart 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat in de Wet toekomst pensioenen mogelijkheden zijn opgenomen om specifieke groepen te compenseren voor het pensioengat dat ontstaat als gevolg van het afschaffen van de doorsneepremie;

constaterende dat verschillende pensioenfondsen blijken te kiezen voor compensatie ineens bij het invaren, in plaats van verspreid over de tijd;

overwegende dat het gevolg hiervan is dat sommige deelnemers compensatie mislopen om uiteenlopende redenen, zoals overstap van een fonds dat nog niet ingevaren is naar een fonds dat al wel ingevaren is, of tijdelijke werkloosheid in de periode dat ingevaren wordt;

overwegende dat de Wet toekomst pensioenen spreekt van «adequate» compensatie, en dat dubbele compensatie voor sommigen en helemaal geen compensatie voor anderen moeilijk «adequaat» genoemd kan worden;

verzoekt de regering voor het meireces in kaart te brengen welke groepen compensatie mislopen, in kaart te brengen hoe groot die groepen zijn, in gesprek te gaan met de Pensioenfederatie en de Stichting van de Arbeid over adequate compensatie voor deze groep en in kaart te brengen hoe mensen beter geïnformeerd kunnen worden over de gevolgen van een verandering in hun werksituatie tijdens de pensioentransitie,

en gaat over tot de orde van de dag.

Patijn

Van Brenk

Van Ark

Neijenhuis

Naar boven