Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201932043 nr. 438

32 043 Toekomst pensioenstelsel

Nr. 438 MOTIE VAN HET LID VAN HAERSMA BUMA C.S.

Voorgesteld 27 november 2018

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat vanaf 2022 de stijging van de AOW-leeftijd een-op-een is gekoppeld aan de stijging van de resterende levensverwachting;

overwegende dat de levensverwachting verder doorstijgt en dat dit vragen oproept over de houdbaarheid van die een-op-eenkoppeling van de AOW-leeftijd;

verzoekt de regering:

  • te onderzoeken hoe de levensverwachting zich zal ontwikkelen en wat op lange termijn vanuit gezondheid en betaalbaarheid een redelijke verhouding is tussen de duur van het werkzame leven en de duur van het pensioen;

  • varianten uit te werken voor de koppeling tussen de ontwikkeling van de levensverwachting en de AOW- en pensioenrichtleeftijd;

  • alternatieven te ontwikkelen voor de inpassing van die varianten in houdbare overheidsfinanciën,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van Haersma Buma

Van Weyenberg

Bruins

Van der Linde

Stoffer

Asscher

Klaver