31 936 Luchtvaartbeleid

Nr. 809 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 24 september 2020

Vandaag heeft de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) een rapport gepubliceerd over een veiligheidsincident op 29 maart 2018 op Schiphol. Tijdens dit incident is separatieverlies opgetreden na een doorstart van een toestel op de Zwanenburgbaan, terwijl er tegelijkertijd een toestel vertrok van de Kaagbaan. Door snel ingrijpen van de luchtverkeersleider en de reactie van de beide bemanningen ontstond er geen direct botsingsgevaar. Hierbij bied ik u het rapport van de OVV aan1.

In het rapport geeft de OVV aan dat deze situatie kon ontstaan doordat de procedures in het Operations Manual van Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL) het mogelijk maken dat twee convergerende banen tegelijkertijd worden gebruikt voor zowel startende als landende vliegtuigen. Hoewel de basisregel is dat toestemming om te starten pas wordt gegeven, nadat de landing op de afhankelijke landingsbaan daadwerkelijk door de luchtverkeersleider is vastgesteld, bestaat op deze basisregel een uitzondering. Het Operations Manual geeft de mogelijkheid om onder bepaalde voorwaarden verminderde separatie toe te staan, waardoor het mogelijk is toestemming te geven om te starten voordat is vastgesteld dat het arriverende vliegtuig daadwerkelijk is geland. Als bij een doorstart van het arriverende vliegtuig niet meteen maatregelen worden genomen, kunnen beide vliegtuigen ongewenst dichtbij elkaar komen. Dit is in het verleden twee keer voorgekomen. De OVV doet naar aanleiding hiervan een tweetal aanbevelingen; één aan LVNL en één aan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat (IenW).

De veiligheid van het vliegverkeer staat voor mij op één. Ik neem het rapport en de daarin opgenomen conclusies en aanbevelingen daarom uiterst serieus. Op elke luchthaven moet zeer zorgvuldig met procedures worden omgegaan. De OVV beveelt aan mijn ministerie aan om te laten beoordelen of de procedures van LVNL met betrekking tot afhankelijk baangebruik voldoen aan de vigerende wet- en regelgeving. Deze aanbeveling neem ik over. Ik heb de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) gevraagd het geheel aan procedures met betrekking tot afhankelijk baangebruik door te lichten en te toetsen aan de wettelijke eisen. De ILT zal hierbij ook externe veiligheidsexperts betrekken.

De OVV beveelt aan LVNL aan om de procedure «Verminderde separatie tussen startend en landend verkeer» uit het Operations Manual te verwijderen en vast te houden aan de standaardprocedure voor het gebruik van afhankelijke start- en landingsbanen. Ik reken erop dat LVNL voortvarend met deze aanbeveling aan de slag gaat.

De OVV vraagt mij om binnen 90 dagen een reactie te geven. Ik kom zo snel mogelijk, maar uiterlijk binnen die termijn met een nadere inhoudelijke reactie op het rapport. Daarin zal ik aangeven hoe ik de aanbeveling heb opgevolgd. Ik streef ernaar uw Kamer voor het AO Luchtvaart van 16 december 2020 te informeren.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl.

Naar boven