Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2009-201031936 nr. 26

31 936
Luchtvaartbeleid

nr. 26
MOTIE VAN DE LEDEN DE ROUWE EN MEEUWIS

Voorgesteld 24 maart 2010

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende, dat de onlangs gewijzigde Wet luchtvaart vereist dat voor luchtvaartterreinen in gebruik door ballonnen, scherm- en zeilvliegtuigen en snorvliegers een provinciale luchthavenregeling is vereist;

overwegende, dat de totstandkoming van deze luchthavenregelingen veel administratieve lasten met zich brengt voor alle betrokken partijen;

overwegende, dat de veiligheid via de Regeling veilig gebruik luchthavens en overige terreinen is gewaarborgd;

constaterende, dat de uitoefening van deze luchtsporten niet onnodig mag worden beperkt door ingewikkelde voorschriften, terwijl tot voor kort zonder die voorschriften tot tevredenheid van alle partijen de luchtsporten konden worden bedreven;

verzoekt de regering om op korte termijn met de betrokken partijen uit de luchtvaartsector en de provincies tot een passende oplossing, zoals vrijstelling, te komen;

verzoekt de regering tevens hier de Kamer vóór het zomerreces over te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De Rouwe

Meeuwis