Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-201631934 nr. 7

31 934 Douane

Nr. 7 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 10 juni 2016

Hierbij wil ik uw Kamer graag informeren over een wijziging in de handhaving door de Douane van onder EZ vallende intellectuele eigendomsrechten (hierna: IE-rechten).

Een modern, evenwichtig stelsel van IE-rechten speelt een cruciale rol bij het stimuleren van groei en creativiteit en het bevorderen van een concurrerende markt. Ook zijn de IE-rechten als immateriële activa van grote waarde voor innovatieve bedrijven1. Dit alles heeft echter weinig waarde als inbreuken op deze rechten niet gehandhaafd kunnen worden. Goederen die inbreuk maken op IE-rechten (zoals namaakartikelen) hebben een negatief effect op economische ontwikkelingen. Uit het op 16 april jl. gepubliceerde onderzoeksrapport van de OESO en EUIPO, blijkt dat op basis van de meest recente gegevens van 2013 in de EU maar liefst 5% van alle geïmporteerde goederen was nagemaakt of door piraterij verkregen, wat op een bedrag komt van 85 miljard Euro2. Ook vormen namaakartikelen een reële bedreiging voor de gezondheid en de veiligheid van consumenten.

Effectief optreden is dus geboden, waarbij rekening wordt gehouden met alle belangen. Voor Nederland is uitgangspunt dat IE-rechthebbenden in beginsel zelf civielrechtelijk tegen inbreuken optreden.

Daarom heeft Nederland ook altijd zorggedragen voor een hoog niveau van handhavingsbepalingen die de rechthebbenden ten dienste staan. Strafrechtelijke handhaving geldt als optimum remedium. Dat wil zeggen dat de inzet hiervan is afgestemd met de acties van anderen in de handhavingsketen. Strafrechtelijk optreden blijft gewenst in geval van bedreiging van de volksgezondheid of veiligheid, grootschalige namaak en piraterij, aanwijzingen van betrokkenheid van criminele organisaties of recidive. Voor de Douane is echter een uitzondering gemaakt, zij handhaaft tot op heden wel strafrechtelijk waar het reizigers en post- en koerierszendingen betreft. Deze werkwijze van de Douane is historisch zo gegroeid op basis van met name bedrijfsmatige overwegingen.

EZ is het eerstverantwoordelijk ministerie voor het beleid, de wet- en regelgeving en de handhaving van onder andere het octrooirecht, het merkenrecht en het modellenrecht. Met betrekking tot de handhaving van deze rechten aan de buitengrenzen door de Douane, heeft EZ afspraken gemaakt met het Ministerie van Financiën3. Bij het uitvoeren hiervan handelt de Douane overeenkomstig de EU-Verordening inzake de handhaving van intellectuele eigendomsrechten door de douane (608/2013) (hierna: Douaneverordening). Het doel van deze verordening is de Douane in staat te stellen houders van IE-rechten te faciliteren om hun rechten te handhaven. Het bevat voorwaarden en procedures voor het optreden van de Douane wanneer goederen worden aangetroffen die vermoedelijk inbreuk maken op een IE-recht. Zo dient de Douane, nadat zij mogelijk nagemaakte artikelen heeft aangetroffen, de houder van de IE-rechten hiervan op de hoogte te brengen. De houder moet vervolgens binnen een in de Douaneverordening bepaalde termijn aangeven of hij civielrechtelijk hiertegen wil optreden. In 2015 heeft de Douane ruim 1.250 keer op verzoek van IE-rechthebbenden opgetreden, waarbij ongeveer 5.6 miljoen stuks namaakartikelen zijn onderschept.

De Douaneverordening is van toepassing vanaf 1 januari 2014. In bepaalde gevallen past de Douane de procedures uit deze verordening echter nog niet toe, maar maakt nog gebruik van de hiervoor beschreven uitzondering door strafrechtelijk op te treden. Dit is het geval bij het aantreffen van vermoedelijk inbreukmakende goederen in reizigersbagage en post- en koerierszendingen.

Dit handelen is niet overeenkomstig de Douaneverordening, dat juist het primaat van civielrechtelijke handhaving onderstreept. De meeste EU-lidstaten hebben deze procedure inmiddels overgenomen.

In ons land heeft een groot aantal stakeholders, bestaande uit (vertegenwoordigers van) houders van IE-rechten, kenbaar gemaakt voorkeur te hebben voor het toepassen van de procedures uit de Douaneverordening.

Ook het Openbaar Ministerie, onder wiens gezag strafrechtelijk wordt opgetreden, steunt de toepassing van de bepalingen uit de Douaneverordening die zien op civielrechtelijke handhaving en dus ook bij aangetroffen vermoedelijk inbreukmakende goederen in reizigersbagage en in post- en koerierszendingen.

Als gevolg van deze breed gedragen steun van betrokken (overheids-)partijen is besloten om het handhavingsbeleid van de Douane als volgt te wijzigen:

  • Met ingang van 1 juni 2016 past de Douane bij reizigersbagage de procedure uit de Douaneverordening toe.

  • Voor post- en koerierszendingen is het streven de procedures uit de Douaneverordening met ingang van 1 maart 2017 toe te passen. Deze invoering vindt later plaats omdat de hiervoor noodzakelijke aanpassingen in de ICT-systemen pas dan bij de Douane volledig geïmplementeerd is en bij de IE-rechthebbenden uitgerold.

Om deze wijzigingen verder te realiseren en bekend te maken heeft de Douane haar publiekvoorlichting op het internet en de app voor reizigers per 1 juni jl. aangepast. Op korte termijn worden ook de uitvoeringsvoorschriften (zoals ook gepubliceerd op het internet) aangepast. De houders van IE-rechten, die bij haar een verzoek tot handhaving overeenkomstig de Douaneverordening hebben ingediend, zijn per brief geïnformeerd over deze wijziging. Het Openbaar Ministerie zal de Aanwijzing intellectuele eigendomsfraude en de Richtlijn voor strafvordering intellectuele eigendomsfraude aanpassen zodat deze meer aansluiten bij de hiervoor beschreven beleidswijzingen.

De Minister van Economische Zaken, H.G.J. Kamp


X Noot
1

De studie Intellectual Property Rights intensive industries: contribution to economic performance and employment in Europe gaat er van uit dat de IE-intensieve sector ongeveer 39% van het BNP van de EU (met een waarde van zo’n € 4,7 biljoen per jaar) en, met inbegrip van indirecte banen, tot 35% van alle banen opleveren. Industry-Level Analysis Report, September 2013, European Patent Office and the Office for Harmonization in the Internal Market, http://ec.europa.eu/internal_market/intellectual-property/docs/joint-report-epo-ohim-final-version_en.pdf

X Noot
2

De waarde van de internationale handel in nagemaakte en door piraterij verkregen goederen was in 2013 € 338 miljard ($ 461 miljard) oftewel 2,5% van alle handel wereldwijd. Rapport van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO): Trade in Counterfeit and Pirated Goods: Mapping the Economic Impact, 16 april 2016, http://www.oecd.org/governance/trade-in-counterfeit-and-pirated-goods-9789264252653-en.htm

X Noot
3

Deze afspraken zijn vastgelegd in Bijlage 3 bij het Convenant inzake de samenwerking tussen het Ministerie van Economische Zaken en het Ministerie van Financiën bij de uitvoering van wettelijke maatregelen op het terrein van het Ministerie van Economische Zaken, Staatscourant nr. 18682, 3 juli 2015, http://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/bldcontentnl/themaoverstijgend/brochures_en_publicaties/convenant_kader_economische_zaken_landbouw en http://www.belastingdienst.nl/bibliotheek/handboeken/html/boeken/HD/kaderovereenkomst_inzake_de_samenwerking_tussen_het_ministerie_van-bijlage_3_bij_de_kaderovereenkomst_tussen_het_ministerie_van_economische.html