31 934 Douane

Nr. 10 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 9 december 2016

Hierbij ontvangt u de bestuurlijke reactie op het definitief advies van het bureau ICT toetsing (BIT) naar aanleiding van de toets op het programma UCC/DWU-MASP1.

Dit programma is zeer belangrijk voor Douane, omdat daarmee invulling wordt gegeven aan de herziening en modernisering van de Europese Douanewetgeving.

Omdat ik ongerust was over de voortgang heb ik het programma bij BIT aangemeld voor toetsing.

Ik ben blij met de kritische maar zeer heldere en goed onderbouwde aanbevelingen in het advies. Ik zal het advies opvolgen om de voortgang te versnellen. Ik ga daar in deze brief nader op in.

Het programma UCC/DWU-MASP is binnen de Belastingdienst Douane gestart als gevolg van de inwerkingtreding van de Union Customs Code (UCC), het douanewetboek van de Unie (DWU). Het DWU is een volledige (stelsel)herziening en modernisering van de Europese douanewetgeving. Het DWU heeft grote impact op het bedrijfsleven en raakt alle bedrijfs- en werkprocessen van de Nederlandse Douane. De meerjarige strategische planning van de IT is neergelegd in het Multi-annual Strategic Plan (MASP). Dit instrument omvat het strategisch kader en de mijlpalen voor alle Europese IT-projecten voor de lidstaten en wordt vertaald naar de IT-projecten die voor de Nederlandse Douane moeten worden uitgevoerd.

De Douane Unie heeft de verantwoordelijkheid de EU te beschermen en het concurrentievermogen van de EU te ondersteunen. Op nationaal niveau wordt daarom als kader gesteld dat belemmeringen moeten worden weggenomen voor het goederenverkeer door het bevorderen van een snelle en goede douaneafhandeling. Het doel van het programma UCC/DWU-MASP is het tijdig op orde hebben van UCC en MASP; de ambitie ligt in het realiseren daarvan zonder verstoringen in de uitvoering van onze taken.

De voorliggende conclusie van het BIT luidt: «De programma-aanpak voor invoering van UCC is echter om drie redenen niet productief: er is te veel onduidelijkheid, het programma maakt het de Douane moeilijker om samenhangende keuzes te maken en het uit elkaar halen van ontwikkeling en implementatie leidt tot onvoldoende voortvarendheid».

Het BIT adviseert om de programma-aanpak te beëindigen en de invoering van UCC onder te brengen in losse projecten. Breng prioriteit aan in de werkzaamheden vanuit een Douane breed projectportfolio en maak de projecten volledig verantwoordelijk voor zowel de IT-systeemontwikkeling als de organisatorische implementatie».

Hierna zal per punt een reactie worden gegeven.

A. Er zijn nog teveel onduidelijkheden

Het BIT constateert dat er vanuit Europa ten aanzien van veel onderdelen van het programma nog onduidelijkheden zijn. In contrast daarmee is het programma bezig met het bijstellen van concepten terwijl de benodigde uitwerking op hoofdlijnen ontbreekt. De Douane onderschrijft de constatering van het BIT dat er nog veel onduidelijkheden zijn. Het bijstellen van gedetailleerde concepten zal, op basis van het advies van het BIT, meer in samenhang en afgestemd op de hoofdlijnen worden opgepakt.

B. Het programma bemoeilijkt het inzichtelijk maken van de Douane brede samenhang, het afstemmen met derden en het maken van keuzes

Het BIT adviseert om het huidige programma te beëindigen en meer in samenhang met overige Douane ontwikkelingen en prioriteiten te laten plaatsvinden. De Douane zal het advies overnemen en de programma-aanpak beëindigen. Op basis van dit advies zal de Douane een onderzoek doen naar de impact voor de haalbaarheid en inpasbaarheid in het portfolio en het compartimentsplan van de Douane.

C. Het uit elkaar halen van ontwikkeling en implementatie leidt tot onvoldoende voortvarendheid

Het BIT adviseert om een andere aanpak te kiezen en de projecten volledig verantwoordelijk te maken voor zowel de IT-systeemontwikkeling als de organisatorische implementatie. Dit advies wordt onderschreven. De Douane zal per deelproject een integrale opdracht maken waarbij de automatisering en implementatie worden samengebracht. Deze integratie maakt het mogelijk met behulp van een klein kernteam de realisatie te monitoren.

Tot slot wil ik het BIT bedanken voor de adviezen. Deze zijn van waarde voor de verdere besluitvorming en besturing van de doelstellingen.

De Staatssecretaris van Financiën, E.D. Wiebes


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

Naar boven