Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 16 oktober 2023
Zoals toegezegd tijdens het mondeling overleg met de vaste commissie voor Volksgezondheid,
Welzijn en Sport van 24 mei, 2022 informeer ik uw Kamer middels deze brief over de
mogelijkheden van digitalisering in de jeugdzorgsector.
De afgelopen periode heeft KPMG in opdracht voor VWS een onderzoek uitgevoerd om meer
inzicht te krijgen in innovatie binnen de jeugdzorgsector.1 Daarbij is ook in kaart gebracht wat er al gebeurt op het gebied van digitalisering
in de jeugdzorgsector en waar kansen liggen om dit te versterken.
Uit het rapport van KPMG is naar voren gekomen dat vernieuwing en innovatie in de
jeugdzorg veel aandacht krijgt, gedreven door de noodzaak om de hulp toegankelijk,
van hoge kwaliteit en betaalbaar te houden. Digitalisering is daarbij, naast geavanceerde
technologie en cliëntmanagement, een van de drie thema’s waar meer specifieke innovatie-inzet
zich in de jeugdzorg op focust.
Digitalisering wordt gedefinieerd als het slimmer gebruiken van data, computersystemen,
apps en gegevensuitwisseling tussen diverse (online) systemen en -toepassingen. Hierbij
kan gedacht worden aan het gebruik van digitale apps, wearables en zorgrobots. Deze
technologieën kunnen bijdragen aan de toegankelijkheid, betaalbaarheid en kwaliteit
van de zorg. Door middel van wearables kan bijvoorbeeld de veiligheid van een client
in de gaten gehouden worden en tijdig worden ingegrepen als het geregistreerde patroon
afwijkt van het normale patroon. Digitale apps en platformen kunnen een snelle(re)
informatieoverdracht waarborgen tussen client en zorgverlener. Ook wordt ingezet op
de ontwikkeling van apps, bijvoorbeeld om jongeren meer inzicht te geven in de eigen
mentale weerbaarheid en als hulpmiddel bij het voeren van gesprekken. Jongeren gebruiken
hun telefoon veelvuldig en apps zijn een toegankelijke manier om deze doelgroep te
bereiken.
In het KPMG rapport worden ook verschillende kansen en belemmeringen geschetst voor
de jeugdzorgsector. Zo wordt bijvoorbeeld de implementatie en opschaling als grootste
uitdaging gezien. De opgedane inzichten, waaronder de geschetste kansen en belemmeringen,
nemen wij mee als input voor onze beleidstrajecten. En daarnaast verwijs ik u ook
naar de nationale visie op het gezondheidsinformatiestelsel2 die mede namens mij door de Minister van Volksgezondheid Welzijn en Sport in april
2023 naar de Eerste en Tweede Kamer is gestuurd. Met deze visie kunnen keuzes onderbouwd
worden op het vlak van digitalisering in de zorg. En uiteraard is de sector aan zet
in te spelen op die ontwikkelingen op het gebied van digitalisering die het meeste
impact maken op jeugdigen.
De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
M. van Ooijen