31 839 Jeugdzorg

36 200 XVI Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2023

AD1 BRIEF VAN DE VOORZITTER VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 21 maart 2023

De leden van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) hebben kennisgenomen van uw brief van 28 februari 20232, waarmee de Kamer, zoals toegezegd3, geïnformeerd is over stand van zaken van de Hervormingsagenda Jeugd. De gesprekken tussen Rijk en gemeenten hebben nog niet geleid tot concrete resultaten en de uitkomsten van de onderhandelingen over de Hervormingsagenda Jeugd en de bijbehorende implicaties voor de financiering, kwaliteit en uitvoering van de jeugdzorg kunnen daarom nog niet worden gedeeld met de Kamer.

De leden van de commissie maken zich echter wel zorgen over de continuïteit van de jeugdzorg en de voortgang van de onderhandelingen. Zij nodigen u dan ook graag uit voor een mondeling overleg, om hierover – aan de hand van de in de bijlage genoemde onderwerpen en vraagpunten – het gesprek aan te gaan.

Het mondeling overleg vindt plaats op dinsdag 4 april 2023, van 17.30 tot 18.30 uur. De leden van de commissie zien uit naar een vruchtbare gedachtewisseling.

De Voorzitter van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport, T. Klip-Martin

Bijlage

Stand van zaken Hervormingsagenda Jeugd

Veel van de recente ontwikkelingen rondom jeugdzorg zagen op de Hervormingsagenda Jeugd, de onderhandelingen hierover en de hieraan gerelateerde budgettaire gevolgen.

  • Wat is de stand van zaken van de onderhandelingen en wat zijn de verwachtingen van de Staatssecretaris over de onderhandelingen?

  • Wat is de betekenis van de Hervormingsagenda voor de toekomstige aanpak van de structurele crisis in de Jeugdzorg?

  • Wat zijn de concrete doelen van de Hervormingsagenda?

  • Betrokkenen moeten overeenstemming bereiken over het feit dat jeugdzorg beter kan en moet. Waar liggen de verschillen op inhoudelijk vlak? Of gaat het vooral om financiering?

  • Is voor sommige financieringsproblemen een terbeschikkingstellingsregeling voor gemeenten een optie?

Toegankelijkheid en randvoorwaarden

In de brief van 13 mei 2022 aan beide Kamers4 en de brief van 14 november 2022 aan de Tweede Kamer5 wordt ingegaan op de toegankelijkheid van de jeugdzorg en de randvoorwaarden voor een goed functionerend en houdbaar jeugdstelsel.

  • Wordt overwogen om sommige complexe zorg zelfs niet regionaal maar landelijk te coördineren?

  • Hoe ziet de Staatssecretaris de verhouding zzp’ers ten opzichte van werknemers in dienstverband binnen de jeugdzorg en wat kan de Staatssecretaris doen om het aantal zzp’ers te doen afnemen en het aantal werknemers in dienstverband te doen toenemen?

  • Is er ruimte en facilitering voor meer experimenteerregio’s waar best practises kunnen worden uitgeprobeerd?

  • De grote stroom aan zorgaanbieders leidt tot aanzienlijke kostenverhogingen. Veel aanbieders duiken met hun «product» op de gezinnen, cliënten met zogenaamde lichte zorgproblematiek. Initiatieven zoals «Wedde dat t lukt» in Westerwolde (noaberhulp: vrijwilligers en professionals die elkaar aanvullen) kunnen de balans in kostenbeheersing en kwalitatieve zorg op termijn weer terugbrengen. Kunnen dergelijke projecten in dorpen en op wijk- en buurtniveau worden gestimuleerd en voor structurele financiering in aanmerking komen?

Toezicht en uitvoering

De «Signalen jeugdbeschermingsketen» van februari 2023 van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en de Inspectie Justitie en Veiligheid (IJenV) laten een zorgwekkend beeld zien.6 Er wordt onder andere geconcludeerd dat de huidige staat van de jeugdbescherming en het aanbod van passende zorg niet overeenkomen met wettelijke kaders, vanwege onderbezetting en de wijze van inkoop op lokaal niveau. Dit is niet de eerste keer dat inspecties, de Ombudsman of andere instanties hierover aan de bel trekken. De inspecties geven zelf aan dat «het instrumentarium om te interveniëren is uitgeput» en kondigen aan «niet te zullen handhaven als de oorzaak van het niet naleven van wet- en regelgeving in stelselproblematiek ligt».

  • Kan de Staatssecretaris ingaan op bovenstaande signalen dat er geen handhavend toezicht plaatsvindt en dat wettelijke kaders worden overtreden vanwege structurele en/of stelselproblemen, zoals uit de reguliere signaleringsrapporten blijkt?

  • Kan de Staatssecretaris ingaan op de bestaande wettelijke kaders? Welke wettelijke kaders zijn er nodig om goede handhaving te faciliteren?

Reikwijdte van de Jeugdwet

Onderdeel van de uitspraak van de Arbitragecommissie is dat een nieuw kabinet op korte termijn de door de stuurgroep geformuleerde fundamentele vragen beantwoordt over de reikwijdte van de Jeugdwet, over de rol van gemeenten in de uitvoering van de Jeugdwet en het uitvoeringsniveau van voorzieningen op grond van de Jeugdwet en vervolgens de daarvoor eventueel noodzakelijke wetgeving zo snel mogelijk in gang zet.7

  • Wat heeft het kabinet tot nu toe ondernomen om, conform de uitspraak van de Arbitragecommissie, de reikwijdte van de Jeugdwet te herformuleren?

  • De overgang van de Jeugdwet naar de Wet langdurige zorg gaat niet goed. 18–23 jarigen vallen nu tussen wal en schip. Welke definitieve oplossingen zijn in beeld voor dat probleem?

Lerende overheid

In een recent promotieonderzoek van Sharon Stellaard8 komt naar voren dat ten aanzien van jeugdzorg al vele jaren vergelijkbare probleemanalyses en beleidsoplossingen worden geformuleerd. Structurele verandering lijkt echter uit te blijven.

  • Kan de Staatssecretaris in het licht van deze bevindingen reflecteren op het lerend vermogen van de overheid ten aanzien van de jeugdzorg en toelichten hoe inzichten en lessen uit het verleden nu en toekomstgericht worden (en zullen worden) toegepast?


X Noot
1

De letters AD hebben alleen betrekking op 31 839.

X Noot
2

Kamerstukken I 2022/23, 31 839 / 36 200 XVI, AC.

X Noot
3

Toezegging T03525.

X Noot
4

Kamerstukken II / I, 2021/22, 31 839, nr. 853 / Y.

X Noot
5

Kamerstukken II, 2022/23, 31 839, nr. 914.

X Noot
7

Kamerstukken II 2020/21, 31 839, nr. 777, Bijlage «Jeugdzorg: een onderwerp van aanhoudende zorg Uitspraak en advies van de arbitragecommissie inzake het geschil tussen Rijk (Ministerie van VWS) en gemeenten (VNG) over de structurele financiering van de jeugdzorg Den Haag, 18 mei 2021», p. 20.

Naar boven