Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201931839 nr. 670

31 839 Jeugdzorg

Nr. 670 MOTIE VAN HET LID PETERS C.S.

Voorgesteld 5 juni 2019

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Jeugdwet zo ruim omschreven is dat vrijwel elk probleem eronder zou kunnen vallen;

overwegende dat dit betekent dat gemeenten de Jeugdwet zo ruim kunnen interpreteren dat vrijwel alle «oplossingen» door de gemeente vergoed zouden kunnen worden;

constaterende dat als gevolg daarvan meerdere gemeenten zaken vergoeden, zoals kindercoaching, paardentherapie, bso-plus en huiswerkbegeleiding-plus, terwijl zij daar geen financiële middelen voor ontvangen;

verzoekt de Minister, om samen met gemeenten de reikwijdte van de jeugdhulpplicht te verkennen/onderzoeken en daarbij mee te nemen wat hoort bij normaal opvoeden en opgroeien, wat onderdeel kan zijn van een (collectieve) preventieaanpak en waar de jeugdhulpplicht begint, en de Kamer hierover voor de begrotingsbehandeling voor 2020 te informeren, zodat eventueel alsnog een aanpassing noodzakelijk is,

en gaat over tot de orde van de dag.

Peters

Raemakers

Voordewind

Agema