Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-201731839 nr. 557

31 839 Jeugdzorg

Nr. 557 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 16 januari 2017

In het wetgevingsoverleg (WGO) over het onderdeel Jeugd van de begrotingen van VWS en van Veiligheid en Justitie voor 2017, gehouden op 14 november 2016 (Kamerstuk 34 550 XVI, nr. 116), kwam een aantal onderwerpen aan de orde waarover ik heb toegezegd de Tweede Kamer nog schriftelijk nader te zullen informeren. Dat doe ik met deze brief.

Tevens zend ik u hierbij een rapport van het Trimbos-instituut over passende zorg en ondersteuning voor kinderen van ouders met psychische en/of verslavingsproblemen (KOPP/KVO)1.

KOPP/KVO

In juni heeft de Minister van VWS uw Kamer, mede namens mij, geïnformeerd over passende zorg en ondersteuning voor kinderen van ouders met psychische en/of verslavingsproblemen en de acties die wij daarvoor ondernemen (zie Kamerstuk 31 839, nr. 525). Bijgevoegd treft u het rapport over de rondgang in de (uitvoerings)praktijk van KOPP/KVO, die het Trimbos-instituut heeft uitgevoerd. Het Ministerie van VWS bespreekt met VNG en veldpartijen welke vervolgacties naar aanleiding van de rondgang nodig zijn. In de voortgangsrapportage Jeugdstelsel zal ik u daar te zijner tijd nader over informeren. Het Trimbos-instituut heeft ook de handreiking KOPP/KVO geactualiseerd en vernieuwd. Om de bruikbaarheid en het bereik ervan te vergroten is gekozen voor een aparte website met alle informatie: http://www.koppkvo.nl.

Transformatie en de rol van de Transitie Autoriteit Jeugd

Tijdens het WGO Jeugd is gesproken over het stimuleren van innovatie in het jeugdstelsel op een wijze waarop transitiekosten zouden kunnen worden verminderd of zelfs voorkomen. Ook het voorstel van de regio Rijnmond is in dat kader genoemd en ik heb toegezegd om hierover met de Transitie Autoriteit Jeugd (TAJ) en de regio Rijnmond in gesprek te gaan. Ook de vraag welke bijdrage gemeenten kunnen leveren is daarbij van belang.

Inmiddels heb ik met de TAJ en met de wethouder van Rotterdam (als een van de initiatiefnemers van het voorstel van de regio Rijnmond) een positief gesprek gehad. Mijn indruk is dat we de transformatie op een aantal manieren zouden kunnen stimuleren. De komende tijd wil ik nader verkennen wat het best werkbaar is en spreek ik daar ook over met de gemeenten. Daarbij kijk ik met name naar de effectiviteit, de juridische vormgeving, de inhoudelijke afbakening en de wijze van financiering.

Tegelijkertijd wordt binnenkort de instellingsduur van de TAJ verlengd tot 1 april 2018 en wordt in de subsidieregeling al een aanpassing aangebracht met het oog op het stimuleren van ambulantisering. Het verlengen van de instellingsduur levert voldoende tijd om dit nader uit te werken.

Uitkomsten overleg Fier Fryslan en de VNG

Tijdens de behandeling van de begroting van VWS en tijdens het WGO Jeugd is gevraagd naar de financiering van de begeleiding door Fier Fryslan van cliënten die vallen onder het Landelijke Arrangement van de VNG. Daarover leek sprake van een misverstand en daarom hebben de VNG en Fier Fryslan met elkaar overlegd. Inmiddels is voor alle partijen duidelijk dat het overeengekomen bedrag van € 530.000 beschikbaar is voor de begeleiding van cliënten die vallen onder het Landelijke Arrangement van de VNG. Dit is vastgelegd in de decembercirculaire gemeentefonds 2016 (bijlage bij Kamerstuk 34 550 B, nr. 11).

Onderzoek commissie De Winter

Tijdens het WGO Jeugd verzocht mevrouw Bergkamp, daarin gesteund door mevrouw Kooiman, mij nog eens met de voorzitter van de commissie «Onderzoek naar geweld in de jeugdzorg en jeugdhulp,» de heer De Winter, in gesprek te gaan over de reikwijdte van het onderzoek en met name over uitbreiding met de vrijwillige jeugd ggz. Ik heb dit met de heer De Winter besproken. In dit gesprek is afgesproken dat het onderzoek conform de huidige opdracht voortvarend wordt uitgevoerd en dat het beeld dat uit het onderzoek gaat komen ook erkenning kan bieden aan degenen die buiten de kaders van de onderzoeksopdracht vallen. De heer De Winter heeft aangegeven dat de commissie uit de voeten kan met deze opdracht.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, M.J. van Rijn


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl.