31 839 Jeugdzorg

Nr. 285 BRIEF VAN DE ALGEMENE REKENKAMER

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 9 april 2013

De staatssecretaris van VWS heeft ons op 27 maart 2013, mede namens de staatssecretaris van Veiligheid & Justitie en de VNG, een brief gestuurd met het verzoek om een onafhankelijke toets uit te voeren op:

  • de toepassing van de rekenregel uit het Bestuursakkoord 2011–2015 bij het vaststellen van het macrobudget voor Jeugdzorg.

  • de berekening van de vrijvallende uitvoeringskosten.

Hierbij ontvangt u ter informatie een afschrift van deze brief alsmede een afschrift van onze reactie daarop1. Wij hebben de staatssecretaris van VWS laten weten, bereid te zijn om op het verzoek in te gaan.

Met dit onderzoek willen we voor de betrokken partijen de vraag beantwoorden of er bij de berekening van het over te hevelen budget (macrobudget inclusief vrijvallende uitvoeringskosten) voldoende zekerheid bestaat over de betrouwbaarheid van het bronmateriaal, de onderbouwing van de aannames en de correcte toepassing van de rekenregel uit het bestuursakkoord 2011–2015.

De toets heeft geen betrekking op de verdeling van het budget over de gemeenten. Dat verdeelmodel is op dit moment nog niet bekend. Ook doen we geen uitspraken over de vraag of de budgetten toereikend zullen zijn voor de toekomstige zorgvraag.

Wij streven ernaar de toets op de berekening van het macrobudget voor de meicirculaire 2013 af te ronden, en de toets op de berekening van de vrijvallende uitvoeringskosten voor de septembercirculaire. Hierbij zijn wij afhankelijk van een tijdige afronding van de berekeningen door het ministerie en de medewerking van andere partijen.

Algemene Rekenkamer

drs. Saskia J. Stuiveling, president

dr. Ellen M.A. van Schoten RA, secretaris


X Noot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer

Naar boven