Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 20 maart 2012
In reactie op uw brief van 8 december 2011 en zoals toegezegd tijdens het WGO van
19 december jl. (Kamerstuk 33 000 XVI, nr. 162), bieden wij u de transitieagenda voor de decentralisatie van de jeugdzorg naar gemeenten
aan.1 Deze agenda hebben wij samen met IPO en VNG opgesteld en beide hebben hiermee bestuurlijk
ingestemd.
In de afgelopen periode hebben wij gemerkt, onder andere tijdens bestuurders bijeenkomsten
over de transitie in januari en februari in het land, dat er veel enthousiasme is
om samen aan de slag te gaan met de transitie.
Conform de Bestuursafspraken 2011–2015 hebben Rijk, VNG en IPO een gezamenlijke verantwoordelijkheid
om de decentralisatieoperatie van de jeugdzorg naar gemeenten goed te laten verlopen.
De transitie wordt gezamenlijk door Rijk, VNG en IPO aangestuurd, ieder vanuit de
eigen verantwoordelijkheid. Hiervoor zijn goede afspraken tussen Rijk, provincies
en gemeenten nodig.
Het is van groot belang dat tijdens de transitieperiode de continuïteit en de kwaliteit
van zorg behouden blijft. De bij de transitie betrokken partijen kunnen zich alleen
goed voorbereiden op de verandering van werkzaamheden wanneer er afspraken zijn over
hoe, wanneer en onder welke landelijke voorwaarden de verschillende taken moeten worden
overgedragen, welke herinrichting daarbij gerealiseerd moet worden, wat de risico’s
zijn bij deze overdracht en herinrichting en op welke wijze deze moeten worden voorkomen.
Op landelijk niveau zijn deze neergelegd in de bijgevoegde agenda. Op lokaal en regionaal
niveau werken partijen samen om de transitie daadwerkelijk te realiseren. Dit vraagt
de komende jaren veel inzet en vertrouwen van elkaar om samen de doelen te bereiken.
In onze beleidsbrief die op 8 november 2011 (Kamerstuk 31 839, nr. 142) naar de Tweede Kamer is verzonden hebben wij onze visie op de stelselwijziging nader
beschreven.
Doel van de stelselwijziging van de jeugdzorg is om de kansen op een goede toekomst
van een kind te verbeteren. Kinderen en jongeren die het nodig hebben moeten een steuntje
in de rug krijgen om beter te kunnen participeren in de samenleving. Daarvoor is deze
stelselwijziging primair bedoeld. We willen met de stelselwijziging overheidsmiddelen
effectiever en efficiënter inzetten en de overheid en betrokken instellingen beter
in staat te stellen effectieve zorg en ondersteuning te bieden. Bij de zorginhoudelijke
vernieuwing van de jeugdzorg gaat het concreet om punten als het aansluiten bij de
eigen kracht en bij de sociale context van jeugdigen en ouders, het eerder bieden
van vroegtijdige lichte hulp en ondersteuning om de vraag naar zwaardere specialistische
hulp terug te dringen, het centraal stellen van de vraag, meer ruimte voor professionals
en het aanbrengen van samenhang tussen de verschillende vormen van zorg bij meervoudige
problematiek.
Ervaringen met eerdere decentralisatietrajecten en complexe invoeringstrajecten laten
zien dat het nuttig is om een stelselwijziging niet als één geheel te bekijken en
uit te voeren, maar daar verschillende dimensies in te onderscheiden. In de stelselwijziging
van de jeugdzorg en ook in de transitieagenda onderscheiden we twee dimensies, een
bestuurlijk en organisatorische transitie en een zorginhoudelijke transformatie. Beide
maken integraal onderdeel uit van het veranderingsproces en zijn daarmee niet van
elkaar te scheiden. De verbinding moet steeds goed in het oog worden gehouden.
De transitieagenda heeft primair betrekking op de bestuurlijke en organisatorische
transitie van de jeugdzorg. De agenda voor de transformatie werken wij de komende
periode in overleg met het veld verder uit. Voor zover de zorginhoudelijke transformatie
van invloed is op met name de organisatorische inrichting van het stelsel wordt dit
eveneens in de agenda opgenomen.
De transitieagenda is uitdrukkelijk een groeidocument, omdat op dit moment nog niet
alle activiteiten tot en met 2015 kunnen worden overzien en uitgewerkt. In de eerstkomende
periode zal bij de uitvoering van deze agenda het zwaartepunt liggen bij de verdere
uitwerking van de afspraken over de bestuurlijke decentralisatie en de herinrichting
van de uitvoering voor zover deze voortvloeit uit de in de eerste helft van 2012 te
verwachten concept-tekst voor de nieuwe wet. Gaandeweg zullen daarbij de landelijk
aan te sturen bestuurlijke en organisatorische veranderingen inhoudelijk worden ingevuld.
Tussen Rijk, VNG en IPO is afgesproken deze agenda minimaal elk half jaar te actualiseren
en concretiseren met inhoudelijke activiteiten.
Over de voortgang van de transitieactiviteiten zullen wij u informeren in de voortgangsbrief
die wij u in april zullen doen toekomen.
Door samen de schouders onder de stelselwijziging te zetten kunnen we er voor zorgen
dat de omslag in het jeugdveld wordt bereikt en geen kind buiten spel staat.
De staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, M. L. L. E. Veldhuijzen van Zanten-Hyllner
De staatsecretaris van Veiligheid en Justitie, F. Teeven