nr. 82
BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 16 november 2009
Tijdens de parlementaire behandeling van het wetsvoorstel over de erkenning
en financiering van de publieke omroep in maart 2009 is in uw Kamer gesproken
over de ledenwerfcampagnes van omroepverenigingen. Ik heb destijds toegezegd
het Commissariaat voor de Media te vragen om een evaluatie van deze campagnes.
Op 25 augustus 2009 heeft het Commissariaat de evaluatie afgerond; het
rapport zend ik u bij deze toe.1
Algemene conclusie
De belangrijkste conclusie is dat omroepverenigingen zich goed gehouden
hebben aan de regels van de Mediawet 2008 en de daarop gebaseerde beleidsregels
van het Commissariaat.2
Bijna de helft (44%) van de cadeaus voor leden bestond uit zogenoemde «vastleggingen»,
dat wil zeggen cd’s, dvd’s of boeken van programma’s van
een omroepvereniging. Verder kregen leden andere cd’s of dvd’s,
merchandising (mok, tas, T-shirt), toegang tot een evenement of ludieke cadeaus
(lunch in de kantine van BNN).
Van de 112 verschillende cadeaus die bij een lidmaatschap zijn aangeboden
hadden slechts elf onvoldoende relatie met de identiteit van de omroepvereniging.
Slechts vijf cadeaus hadden een te grote waarde, dat wil zeggen een kostprijs
of inkoopprijs die hoger was dan de jaarcontributie van € 5,72.3
Omroepen mogen leden een korting op het abonnement op de programmagids
geven ter waarde van het lidmaatschap. Dit deden alle omroepverenigingen met
een gids.
In een enkel geval werden regels over ledenwerving in de zendtijd van
de publieke omroep overtreden.
Bij alle overtredingen heeft het Commissariaat contact opgenomen met de
omroepvereniging, waarna de activiteit is gestaakt of aangepast. Aan vier
omroepen heeft het Commissariaat een boete opgelegd.
Waarde van cadeaus
Ik heb het Commissariaat gevraagd in het bijzonder te rapporteren over
de waarde van cadeaus. Hoewel de conclusie is dat de cadeaus voldeden aan
de regels, is toch de indruk ontstaan dat omroepen leden hebben «gekocht».
Dit komt door het verschil tussen de kostprijs of inkoopprijs van cadeaus en de winkelwaarde van cadeaus. Volgens de evaluatie
lag de winkelwaarde in ruim 25% van de gevallen boven de € 15,–.
Omdat de kost- of inkoopprijs lager was dan de contributie, waren deze cadeaus
niettemin toegestaan volgens de huidige regels.
Ik vind het onwenselijk deze situatie te laten voortduren en zal het Commissariaat
vragen om zijn beleidsregels voor verenigingsactiviteiten aan te passen, zoals
door hem zelf ook voorgesteld. Dit betekent dat bij het bepalen van de maximale
waarde van een cadeau voortaan wordt uitgegaan van de winkelwaarde. Alleen
voor een dvd of cd van een programma van de omroep – hun kernactiviteit
tenslotte – blijft de inkoopprijs gelden.
Een verdergaande optie zou zijn dat omroepen helemaal geen voordelen meer
mogen verstrekken aan leden, dus geen cadeaus meer en geen kortingen op de
gids en op verenigingsactiviteiten. Een nadeel is dat omroepen dan vergeleken
met andere maatschappelijke organisaties veel minder mogelijkheden hebben
om leden te werven en te binden. Een voordeel is dat er geen discussie meer
kan zijn over de betekenis van het lidmaatschap.
Een verbod op cadeaus en andere ledenvoordelen kan niet geregeld worden
door aanpassing van de beleidsregels van het Commissariaat, maar vergt wijziging
van de Mediawet. Bovendien kan een dergelijke wetswijziging niet los gezien
worden van de vormgeving van de publieke omroep, in het bijzonder de erkenning
en financiering van omroepverenigingen op basis van leden. Ik kom daarom op
deze optie terug in het kader van de toekomstverkenning voor de publieke omroep.
Nieuwe initiatieven
Het Commissariaat heeft ook gekeken naar de ledenwerving van nieuwe gegadigden.
Omdat zij pas onder de Mediawet vallen zodra zij erkend zijn als omroepvereniging,
gelden voor hen geen beperkingen bij ledenwerving. Ik heb in uw kamer al aangekondigd
dit anders te willen regelen.
Volgens de evaluatie zijn door PowNed en WNL geen grotere voordelen aan
leden verstrekt dan door de bestaande omroepen. Wel konden zij zonder beperkingen
profiteren van hun relatie met de Telegraaf, Geen Stijl en Veronica (alledrie
onderdeel van de Telegraaf Media Groep).
Volgens het Commissariaat is het mogelijk in de Mediawet te bepalen dat
nieuwe initiatieven – op het moment dat ze daadwerkelijk leden gaan
werven – onder de regels voor ledenwerving vallen. Ik wil dit zo snel
mogelijk regelen. Dit kan nog in deze regeerperiode in combinatie met enkele
andere, kleinere wijzigingen van de Mediawet 2008.
Overige aanbevelingen Commissariaat
Het Commissariaat adviseert dat leden die te dure cadeaus hebben gehad,
niet meetellen. Dit acht ik niet nodig en niet wenselijk. Gezien het geringe
aantal overtredingen is er geen rechtvaardiging voor de extra administratieve
lasten aan de zijde van de omroepen (registratie) en het Commissariaat (controle).
Het Commissariaat constateert dat omroepverenigingen een lidmaatschap
van één jaar aanbieden, waarna het lidmaatschap automatisch
wordt beëindigd. Omroepen hebben aangegeven dat zij veel tijd te steken
in het behoud van deze leden en dat ervaring leert dat een groot aantal van
deze leden voor langere tijd lid zal zijn. Niettemin kan het ledental een
jaar na de peildatum dalen, mede doordat eenjarige lidmaatschappen aflopen.
Ik wil eenjarige lidmaatschappen echter niet verbieden, te meer nu er op initiatief
van de kamer een wetsvoorstel is dat juist wil tegengaan dat abonnementen
stilzwijgend doorlopen.1
Een laatste conclusie van de evaluatie is dat een meer evenredige verdeling
van zendtijd voor ledenwerving gewenst is, met name rond goed bekeken programma’s.
Ik zal de NPO vragen dit voorafgaand aan de volgende erkenningsronde te regelen.
De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
R. H. A. Plasterk